Ambtelijke notitie / Bijblad (Model No. 14).
Origineel
Ambtelijke notitie / Bijblad (Model No. 14). Het document bevat diverse aantekeningen tussen 17 juni 1941 en 15 juli 1941. [Kader linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 27/41/1 1941
DOORGEZONDEN: 17/6-'41
[Rode aantekening links]
Acc. Opbergen [met pijl naar boven]
8/5 '41 [?]
[Bovenste tekstblok, zwart]
Besproke met Hr. Siemons Insp. adm. om deze zaak voorloopig niet definitief af te doen. 591 Brief v. Scheide niet beantwoorden. In afwachting van nadere beslissing hem toestaan voorloopig plaats van zijn moeder in te nemen. Scheide kan mr. markttoezichter 23/7 '41 [?]
[Middelste tekstblok, schuin doorgehaald]
Toegestaan dat hij voorloopig voor een tijd van zes maanden, de plaats van zijn moeder op de markt aan de Ten Katestraat, mag innemen.
In de eerstvolgende vergadering der markt-commissie, kan deze zaak een punt van bespreking uitmaken.
(Zie geval Hoogeboom)
12-7-'41
de Boer
[Onderste tekstblok, zwart]
Hier voel ik niets voor. Zie brief 25/10 '39 van Weth. aan Hijmans [?]. Scheide.
M.i. moet verzoek worden afgewezen en moet Scheide op zijn eigen plaats gaan staan.
HD 15/7 '41
[Voetnoot linksonder]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document is een intern ambtelijk "bijblad" waarop verschillende functionarissen reageren op een verzoek van een marktkoopman genaamd Scheide. Scheide wilde tijdelijk de marktplaats van zijn moeder aan de Ten Katestraat (Amsterdam) overnemen.
Er is sprake van een intern meningsverschil of besluitvormingsproces:
1. Aanvankelijk wordt geadviseerd de zaak aan te houden en hem informeel toe te staan de plaats in te nemen.
2. De heer De Boer stelt op 12 juli 1941 voor om dit officieel voor zes maanden toe te staan en het in de Marktcommissie te bespreken, verwijzend naar een eerdere casus ("geval Hoogeboom").
3. Op 15 juli 1941 wordt dit voorstel resoluut afgewezen door een hogere functionaris (geparafeerd HD), die verwijst naar beleid uit 1939 en stelt dat Scheide op zijn eigen aangewezen plek moet blijven staan.
De rode tekst "Acc. Opbergen" geeft aan dat het dossier na deze laatste beslissing is gesloten. De Ten Katemarkt in Amsterdam-West was (en is) een van de drukkere markten van de stad. In 1941 bevond Nederland zich onder Duitse bezetting, wat vaak leidde tot strengere regulering en bureaucratie rondom vergunningen. De verwijzing naar een brief van de Wethouder uit 1939 (vóór de bezetting) suggereert dat men probeerde vast te houden aan bestaande gemeentelijke verordeningen betreffende de erfelijkheid of overdraagbaarheid van marktplaatsen binnen families. Het document geeft een inkijkje in de strikte hiërarchie en de precedentwerking binnen het Amsterdamse marktwezen tijdens de oorlogsjaren.