Administratieve archiefkaart/notitie van de Dienst van het Marktwezen Amsterdam.
Origineel
Administratieve archiefkaart/notitie van de Dienst van het Marktwezen Amsterdam. [Bovenste regels, zwarte inkt:]
Amst h 312 Ten Katestraat
ingetrokken ing 6/10 '41 moet
het verlichtingsmateriaal
inleveren
[Midden, rode inkt:]
C Slijman [omcirkeld met rode lijn]
[Onder de rode tekst, zwarte inkt/potlood:]
C. Slijmans
Hofmeyrstr. 44 III
[Rechts, datumstempel in rood:]
11 OCT. 1941
[Rechtsonder, paars circulair stempel:]
MARKTWEZEN
* AMSTERDAM *
[In het midden het wapen van Amsterdam met de drie Andreaskruisen]
[Onderaan, handgeschreven in zwarte inkt:]
27/60/1 M 10/10 '41 H8 amb. [onleesbare paraaf] De notitie betreft de administratieve afhandeling van een ingetrokken marktvergunning of standplaats (mogelijk aangeduid met "Amst h 312") op de Ten Katemarkt in Amsterdam-West. De intrekking ging in op 6 oktober 1941. De vergunninghouder, Carel Slijmans, wordt expliciet opgedragen zijn "verlichtingsmateriaal" (lampen en toebehoren voor de marktkraam) in te leveren bij de gemeente. De kaart bevat diverse administratieve codes en een paraaf van een ambtenaar ('amb.') die de procedure op 10 oktober heeft verwerkt, waarna het document op 11 oktober formeel is afgestempeld door de centrale administratie van het Marktwezen. Dit document vormt een tastbaar bewijs van de bureaucratische processen tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In 1941 voerden de bezetter en de meewerkende Amsterdamse overheid steeds restrictievere maatregelen in tegen Joodse burgers. Vanaf september 1941 werden Joodse kooplieden stelselmatig geweerd van de reguliere markten. De Hofmeyrstraat, waar Slijmans woonde, lag in de Transvaalbuurt, een wijk met een destijds zeer grote Joodse populatie. De intrekking van de vergunning en de inbeslagname of verplichte inlevering van bedrijfsmiddelen zoals verlichtingsmateriaal was een standaardprocedure bij het ontnemen van het levensonderhoud van Joodse markthandelaren in deze periode. C. Slijmans Marktwezen