Archiefdocument
Origineel
[Bovenzijde links in voorgedrukt kader]
BIJBLAD VAN:
M. No. 27/60/2 1937
DOORGEZONDEN: 31/12-'41.
[Bovenzijde rechts]
66
[Handgeschreven tekst in zwart, midden]
Hr. Vrij,
Heeft Hijman intusschen
reeds het bewuste snoer
ingeleverd?
Smit - 3/1 '42
[Handgeschreven tekst in rood, midden]
afgedaan heeft het verlichtingsmater.
juist ingeleverd
5-1-'42
[onleesbare paraaf, mogelijk MP]
[Handgeschreven tekst in zwart, onder het rode gedeelte]
opbergen
Smit 8/1 '42
[Stempel en handtekening onderzijde rechts]
GEZIEN
DE INSPECTEUR,
[Handtekening: de Haan]
[Tekst linksonder]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een interne administratieve notitie over de afhandeling van ingeleverde goederen. De correspondentie verloopt als volgt:
1. 3 januari 1942: Smit vraagt aan de heer Vrij of de persoon Hijman een specifiek "snoer" heeft ingeleverd.
2. 5 januari 1942: In rode inkt wordt geantwoord dat het "verlichtingsmater[iaal]" zojuist is ingeleverd en de zaak is "afgedaan".
3. 8 januari 1942: Smit geeft de instructie om het document op te bergen.
4. Afronding: De inspecteur tekent het document voor gezien.
De focus op een enkel "snoer" getuigt van een zeer gedetailleerde en strikte administratieve controle op eigendommen van burgers tijdens deze periode. De datering (eind 1941, begin 1942) plaatst dit document in de context van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode werden burgers, en in het bijzonder de Joodse bevolking, gedwongen hun bezittingen (zoals radio's, koper en andere technische materialen) in te leveren bij de autoriteiten. De achternaam 'Hijman' duidt er mogelijk op dat de betrokken persoon Joods was. Dit document is een tastbaar voorbeeld van de bureaucratische processen die gepaard gingen met de stelselmatige onteigening en controle van de bevolking door de bezetter en de meewerkende Nederlandse overheidsapparaten. M. No