Archiefdocument
Origineel
[Bovenzijde - Notitie in zwarte inkt]
Hr. Inspecteur,
gebruikelijk is om - wanneer
uitstel wordt verleend - de datum
van toekennen vaste plaats
niet te verschuiven; m.a.w. aan
Wilke dient m.i. bericht te worden
gezonden, dat zijn verzoek is toegestaan;
moet hij het vanaf 15 April '41
verschuldigde marktgeld vóór 1 Mei a.s.
bij een dienstdoenden marktambtenaar
betalen.
[Onleesbaar monogram/handtekening] 12/4 '41
[Rechterkantlijn - Aantekening in rode inkt]
Wilke 16/4 '41 aan
loket geweest. Hij
verklaarde geen geld
te hebben voor vaste
plaats. Kan als zodanig
worden beschouwd.
[Handtekening] 18-4-41
[Midden/Rechts - Diverse stempels/aantekeningen]
acc 15-4-41
[Handtekening]
Opgeb. [Opgeborgen] 21/4 '41
[Onderzijde - Conceptbrief, diagonaal doorgehaald met rode streep]
Naar aanleiding van Uw brief d.d.
3 April jl. bericht ik U, dat u m.i.v. 15 April
jl. een vaste plaats op de markt Lindengracht is
toegekend; ik verleen U hierbij gedurende 2 weken
na dato dezes uitstel van de verplichting om uw
plaats geregeld te bezetten; het terzake verschuldigde marktgeld
dient echter vanaf 15 April jl. regelmatig wekelijks aan den marktambtenaar te worden betaald. Dit document geeft een inkijkje in de administratieve afhandeling van marktplaatsvergunningen in Amsterdam tijdens de bezettingsjaren.
- De Casus: Een zekere Wilke heeft verzocht om een vaste plaats op de markt aan de Lindengracht. De ambtenaar adviseert de Inspecteur om het verzoek in te willigen, maar vast te houden aan de ingangsdatum van 15 april voor de betalingsverplichting, zelfs als de koopman fysiek nog niet aanwezig is.
- De Wending: Uit de rode kanttekening blijkt dat Wilke op 16 april zelf aan het loket is verschenen. Hij gaf aan geen geld te hebben om de vaste plaats te bekostigen.
- Resultaat: De reeds voorbereide conceptbrief (onderaan) is hierop met een rode streep ongeldig gemaakt. De tekst van de brief was een formele bevestiging van de toewijzing inclusief een coulanceregeling (twee weken uitstel van bezettingsplicht), maar met strikte handhaving van de betalingsplicht.
- Archivering: Het document is op 21 april 1941 definitief opgeborgen ("Opgeb."), wat betekent dat de aanvraag van Wilke als afgehandeld of vervallen werd beschouwd. * Tijdsbeeld: April 1941 valt in de vroege periode van de Duitse bezetting van Nederland. De economische omstandigheden waren zwaar; de mededeling van Wilke dat hij "geen geld" heeft, is typerend voor de armoede onder kleine handelaren in die tijd.
- Lindengracht: De markt op de Lindengracht in de Amsterdamse Jordaan is een van de oudste en bekendste markten van de stad.
- Ambtelijke taal: Termen als "m.i.v." (met ingang van), "d.d." (de dato/gedateerd) en "jl." (jongstleden) tonen het formele karakter van de correspondentie tussen de marktdienst en de burgers.