Handgeschreven brief (ontslagbrief/opzegging standplaats).
Origineel
Handgeschreven brief (ontslagbrief/opzegging standplaats). L. Muller, wonende aan de Plantage Badlaan 14 II, Amsterdam. Onbekend (vermoedelijk de marktmeester of een gemeentelijke instantie belast met de marktvergunningen). Nº 30/32/1 M. 1941 16/10
Zondag 13 october 1941.
Mijnheer.
Hier mede deel ik u mede
dat ik voor mijn vaste
plaats op het Waterlooplein
bedank.
De reden daarvan is: dat
ik meer bij mijn patroon
kon werken.
Hopende dat u hier goede
notitie van zult nemen
teeken ik
Hoog achtend
L. Muller
Pl. Badlaan 14 II
Amsterdam. In deze zakelijke en beleefde brief zegt L. Muller zijn of haar vaste standplaats op de markt op het Waterlooplein in Amsterdam op. De reden die hiervoor wordt opgegeven is dat de schrijver meer werk heeft gekregen bij een "patroon" (werkgever), waardoor het werk op de markt waarschijnlijk niet langer nodig of combineerbaar is.
De brief is opvallend door zijn eenvoud en directheid. Het handschrift is duidelijk en de toon is formeel, passend bij de tijdgeest ("notitie van zult nemen", "teeken ik"). Het adres "Pl. Badlaan" verwijst naar de Plantage Badlaan, een straat in de Plantagebuurt, vlakbij het Waterlooplein. De brief is gedateerd op 13 oktober 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. Deze context is van groot historisch belang:
1. Locatie: Het Waterlooplein was van oudsher het hart van de Joodse buurt in Amsterdam en de locatie van een zeer grote markt.
2. Tijdsgewricht: In 1941 werden de anti-Joodse maatregelen van de bezetter steeds nijpender. Hoewel de brief een puur economische reden opgeeft (meer werk bij een werkgever), vonden er in deze periode grote verschuivingen plaats op de Amsterdamse markten. Vanaf september 1941 mochten Joodse marktkooplieden hun beroep alleen nog uitoefenen op speciaal aangewezen "Joodse markten" (waaronder het Waterlooplein).
3. Betekenis: Zonder verdere persoonsgegevens is niet direct vast te stellen of L. Muller Joods was, maar de locatie (Waterlooplein en de Plantagebuurt) en de datum maken dit document tot een klein maar veelzeggend puzzelstukje in de sociale geschiedenis van Amsterdam tijdens de bezettingsjaren. Het archiefstempel van 16 oktober 1941 toont aan dat de brief drie dagen na verzending officieel is verwerkt door de administratie. L. Muller