Archiefdocument
Origineel
23 oktober 1941. (Tekst tussen vierkante haken [...] is aangevuld op basis van contextuele reconstructie.)
[BEKENDMAKI]NG - SLUITINGSUUR MARKTEN.
[De Burgemeester van Amst]erdam brengt ter openbare kennis van
[belanghebb]eden, dat de markten hier ter stede, in
[verband met de getroffen] maatregelen uiterlyk een half uur vóór
[het spertijdstip door de ko]oplieden moeten zyn ontruimd.
[Dit dient te geschied]en op Zaterdag 25 October a.s. uiterlyk
Amsterdam, 23 October 1941,
De Burgemeester voornoemd,
Voûte
de Gemeentesecretaris,
H.van Buuren
l.s. * Inhoud: Het document betreft een instructie over de vervroegde sluiting en ontruiming van markten in Amsterdam. Handelaren moeten hun kraam een half uur voor een bepaald tijdstip (waarschijnlijk het spertijdstip) hebben verlaten.
* Terminologie: Het gebruik van de spelling "uiterlyk" en "zyn" is kenmerkend voor de officiële schrijftaal van voor de spellingherziening van Marchant (1947).
* Handtekeningen: De naam Voûte verwijst naar Edward Voûte, die door de Duitse bezetter werd aangesteld als burgemeester. De afkorting "l.s." onderaan staat voor loco secretarii (ter plaatse van de secretaris), wat aangeeft dat een vervanger of gemachtigde namens de secretaris heeft getekend of dat het een afschrift betreft. Deze bekendmaking is opgesteld tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In oktober 1941 werden de beperkingen voor de burgerbevolking, en specifiek voor de Joodse bevolking in Amsterdam, steeds verder aangescherpt. De maatregel om markten vervroegd te ontruimen hing direct samen met de ingestelde spertijden (curfews). Vooral op markten met veel Joodse kooplieden, zoals rond het Waterlooplein, hadden deze verordeningen een enorme impact op de economische zelfstandigheid en de bewegingsvrijheid van de burgers. Burgemeester Voûte stond bekend om zijn meewerkende houding ten opzichte van de bezettingsmacht. H. van Buuren