Archief 745
Inventaris 745-352
Pagina 380
Dossier 39
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtelijke correspondentie / Adviesnota

25 februari 1941 Van: Onleesbaar (mogelijk een afdelingshoofd of ambtenaar bij het Marktwezen)

Origineel

Ambtelijke correspondentie / Adviesnota 25 februari 1941 Onleesbaar (mogelijk een afdelingshoofd of ambtenaar bij het Marktwezen) Den Heer Inspecteur Marktwezen.

Ab. 261

Als antwoord op het schrijven No 31/11/1
deel ik U mee, dat het mijn inziens reglementair
niet juist zou zijn de plaats van zijn Vader E de Vos
plaatshouder Uilenburg No 17 en id. op die van zijn zoon
O de Vos over te schrijven. Genoemde O de Vos kan zich
als voorkeurskaarthouder in laten schrijven op kantoor, en
daaruit wordt dan een vaste plaats geboren. Ik verzoek
U op bijgaand schrijven afwijzend te berichten.

Amsterdam 25-2-41
[Handtekening] De brief is een ambtelijk advies betreffende de overdracht van een marktplaatsvergunning. De schrijver adviseert de Inspecteur van het Marktwezen om een specifiek verzoek af te wijzen. Het verzoek hield in om de marktplaats op de Uilenburg (nummer 17) van vader E. de Vos over te schrijven op naam van zijn zoon, O. de Vos. De auteur stelt dat dit tegen de reglementen is. In plaats van een directe overschrijving wordt de procedurele weg gewezen: de zoon moet zich als 'voorkeurskaarthouder' laten registreren, waarna hij op termijn aanspraak kan maken op een vaste plek. De toon is zakelijk en strikt bureaucratisch. De datum van de brief, 25 februari 1941, is historisch zeer significant: dit is de dag waarop de Februari-staking in Amsterdam begon als protest tegen de Jodenvervolging. De locatie die in de brief wordt genoemd, Uilenburg, lag in het hart van de oude Joodse buurt van Amsterdam. Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve kwestie lijkt over marktreglementen, moet deze gezien worden in de context van de bezettingstijd waarin de bewegingsvrijheid en economische rechten van Joodse burgers (zoals de familie De Vos) steeds verder werden ingeperkt. Het weigeren van een informele overdracht van vader op zoon kan passen in een breder patroon van strikte handhaving of zelfs obstructie door het toenmalige gemeentebestuur onder druk van de bezetter. E. de Vos Marktwezen (Inspecteur) O. de Vos Marktwezen

Samenvatting

De brief is een ambtelijk advies betreffende de overdracht van een marktplaatsvergunning. De schrijver adviseert de Inspecteur van het Marktwezen om een specifiek verzoek af te wijzen. Het verzoek hield in om de marktplaats op de Uilenburg (nummer 17) van vader E. de Vos over te schrijven op naam van zijn zoon, O. de Vos. De auteur stelt dat dit tegen de reglementen is. In plaats van een directe overschrijving wordt de procedurele weg gewezen: de zoon moet zich als 'voorkeurskaarthouder' laten registreren, waarna hij op termijn aanspraak kan maken op een vaste plek. De toon is zakelijk en strikt bureaucratisch.

Historische Context

De datum van de brief, 25 februari 1941, is historisch zeer significant: dit is de dag waarop de Februari-staking in Amsterdam begon als protest tegen de Jodenvervolging. De locatie die in de brief wordt genoemd, Uilenburg, lag in het hart van de oude Joodse buurt van Amsterdam. Hoewel de brief op het eerste gezicht een louter administratieve kwestie lijkt over marktreglementen, moet deze gezien worden in de context van de bezettingstijd waarin de bewegingsvrijheid en economische rechten van Joodse burgers (zoals de familie De Vos) steeds verder werden ingeperkt. Het weigeren van een informele overdracht van vader op zoon kan passen in een breder patroon van strikte handhaving of zelfs obstructie door het toenmalige gemeentebestuur onder druk van de bezetter.

Genoemde Personen 3

E. de Vos Marktwezen (Inspecteur) O. de Vos

Locaties

Amsterdam

Producten

Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis Vleeswaren: Hart Vleeswaren: Vlees

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen

Gerelateerde Documenten 2