Archief 745
Inventaris 745-352
Pagina 433
Dossier 30
Jaar 1941
Stadsarchief

Getypt ambtelijk schrijven (waarschijnlijk een doorslag/kopie).

6 januari 1942. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Marktdienst). Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (ter plaatse).

Origineel

Getypt ambtelijk schrijven (waarschijnlijk een doorslag/kopie). 6 januari 1942. De Directeur (vermoedelijk van de Gemeentelijke Marktdienst). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Alhier (ter plaatse). [Linksboven:]
VD/HG.

32/5/5 M. '41
1

[Onderwerp:]
Verplaatsing weekmarkt
Sumatrastraat.

[Middenboven, handgeschreven:]
Verzonden 7/1

[Rechtsboven, handgeschreven:]
Inspecteur

[Rechtsonder de kop:]
6 Januari 1942.

den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .

Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 10 November jl. om advies ontvangen stuk No. 563 L.M. 1941 heb ik de eer U te berichten, dat ik omtrent de onderhavige aangelegenheid uitvoerig heb gerapporteerd in mijn brief van 9 Juli jl. No. 32/5/2 M., waarnaar ik U kortheidshalve moge verwijzen. De in dit rapport door mij aangevoerde motieven gelden thans nog in dezelfde mate. Ten overvloede heb ik op Zaterdag 24 November jl. opnieuw door den op de Sumatrastraat dienstdoenden marktambtenaar een enquête onder de op deze markt staande kooplieden doen houden, waarbij bleek, dat van de 21 kooplieden, er 19 tegen verplaatsing waren, 1 was er voor en 1 stemde blanco. Verplaatsing van markten heeft, zooals de practijk heeft geleerd, geen zin, wanneer de kooplieden moeten worden gedwongen om op een andere markt een plaats te bezetten. In het onderhavige geval zou opheffing van de markt aan de Sumatrastraat slechts tot gevolg hebben, dat de venters uit deze buurt des Zaterdags clandestien een plaats in deze straat zouden innemen.

Ik geef U mitsdien beleefd in overweging op het onderhavige verzoek opnieuw afwijzend te beschikken.

De Directeur, In deze brief adviseert de Directeur (waarschijnlijk van de Marktdienst) de Wethouder voor de Levensmiddelen om een verzoek tot verplaatsing van de zaterdagmarkt in de Sumatrastraat af te wijzen. De Directeur voert drie hoofdredenen aan voor dit negatieve advies:

  1. Continuïteit van beleid: Hij verwijst naar een eerder rapport van juli 1941 waarin dezelfde conclusie werd getrokken; de situatie is sindsdien niet veranderd.
  2. Gebrek aan draagvlak: Uit een enquête onder de marktkooplieden blijkt dat de overgrote meerderheid (19 van de 21) faliekant tegen de verplaatsing is.
  3. Handhaafbaarheid en praktische bezwaren: De Directeur stelt dat het dwingen van kooplieden naar een nieuwe locatie in de praktijk niet werkt. Bovendien vreest hij dat opheffing van de officiële markt zal leiden tot "clandestiene" handel door venters in diezelfde straat, wat de orde en controle juist zou bemoeilijken.

De toon is formeel-ambtelijk, maar de boodschap is beslist: de voorgestelde wijziging is ongewenst en onpraktisch. Dit document dateert van januari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De context van de oorlog is essentieel voor het begrip van dit schrijven:

  • Voedselvoorziening: De brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen". In 1942 was de voedselvoorziening in Nederland volledig gereguleerd via het distributiestelsel. Markten speelden een cruciale rol in de legale distributie van goederen.
  • Locatie: De Sumatrastraat bevindt zich in de Indische Buurt (zeer waarschijnlijk Amsterdam, gezien de terminologie en ambtelijke structuur). Dit was een volksbuurt waar de markt een belangrijke sociale en economische functie had.
  • Clandestiene handel: De verwijzing naar het "clandestien" innemen van plaatsen door venters duidt op de groeiende zwarte markt en de moeite die de autoriteiten hadden om de handel volledig onder controle te houden tijdens de schaarste van de oorlogsjaren.
  • Bestuur onder bezetting: Hoewel de brief over een alledaagse marktzaak lijkt te gaan, toont het de voortgang van de gemeentelijke bureaucreatie onder de bezetting, waarbij ambtenaren probeerden de orde te handhaven en bestaande structuren te beschermen tegen ondoordachte wijzigingen.

Samenvatting

In deze brief adviseert de Directeur (waarschijnlijk van de Marktdienst) de Wethouder voor de Levensmiddelen om een verzoek tot verplaatsing van de zaterdagmarkt in de Sumatrastraat af te wijzen. De Directeur voert drie hoofdredenen aan voor dit negatieve advies:

  1. Continuïteit van beleid: Hij verwijst naar een eerder rapport van juli 1941 waarin dezelfde conclusie werd getrokken; de situatie is sindsdien niet veranderd.
  2. Gebrek aan draagvlak: Uit een enquête onder de marktkooplieden blijkt dat de overgrote meerderheid (19 van de 21) faliekant tegen de verplaatsing is.
  3. Handhaafbaarheid en praktische bezwaren: De Directeur stelt dat het dwingen van kooplieden naar een nieuwe locatie in de praktijk niet werkt. Bovendien vreest hij dat opheffing van de officiële markt zal leiden tot "clandestiene" handel door venters in diezelfde straat, wat de orde en controle juist zou bemoeilijken.

De toon is formeel-ambtelijk, maar de boodschap is beslist: de voorgestelde wijziging is ongewenst en onpraktisch.

Historische Context

Dit document dateert van januari 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De context van de oorlog is essentieel voor het begrip van dit schrijven:

  • Voedselvoorziening: De brief is gericht aan de "Wethouder voor de Levensmiddelen". In 1942 was de voedselvoorziening in Nederland volledig gereguleerd via het distributiestelsel. Markten speelden een cruciale rol in de legale distributie van goederen.
  • Locatie: De Sumatrastraat bevindt zich in de Indische Buurt (zeer waarschijnlijk Amsterdam, gezien de terminologie en ambtelijke structuur). Dit was een volksbuurt waar de markt een belangrijke sociale en economische functie had.
  • Clandestiene handel: De verwijzing naar het "clandestien" innemen van plaatsen door venters duidt op de groeiende zwarte markt en de moeite die de autoriteiten hadden om de handel volledig onder controle te houden tijdens de schaarste van de oorlogsjaren.
  • Bestuur onder bezetting: Hoewel de brief over een alledaagse marktzaak lijkt te gaan, toont het de voortgang van de gemeentelijke bureaucreatie onder de bezetting, waarbij ambtenaren probeerden de orde te handhaven en bestaande structuren te beschermen tegen ondoordachte wijzigingen.

Locaties

De Sumatrastraat bevindt zich in de Indische Buurt (zeer waarschijnlijk Amsterdam gezien de terminologie en ambtelijke structuur). Dit was een volksbuurt waar de markt een belangrijke sociale en economische functie had.

Gerelateerde Documenten 2