Handgeschreven brief (verzoekschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (verzoekschrift). 21 april 1941 (met een aantekening '22/4'). S. Okkes-Blom, gevestigd aan de N. Prinsengracht 48-III te Amsterdam. № 33/25/1 M.1941 21-4-41. A’dam
22/4
WEde Heer
Hier mede vraag ik uw
om vierweken uitstel
voor de weekmarkt op de
Westerstraat daar wij geen
Elastiek kunnen krijggen,
daar wij kijken naar
anderen handel.
Hoogachtend
S. Okkes-Blom.
N. Prinsengracht 48 III
Amsterdam. * Inhoud: Mevrouw S. Okkes-Blom verzoekt de marktmeester (of een relevante gemeentelijke instantie) om een verlof van vier weken voor haar standplaats op de markt in de Westerstraat.
* Reden: De reden voor het verzoek is tweeledig: er is een gebrek aan voorraad ("geen Elastiek kunnen krijggen") en ze oriënteert zich op de verkoop van andere goederen ("kijken naar anderen handel").
* Taalgebruik: De brief bevat enkele archaïsche vormen en spelfouten die kenmerkend zijn voor de tijd en het opleidingsniveau van de schrijfster (bijv. "Hier mede" in plaats van hiermee, "krijggen" met dubbel 'g', en "WEde Heer" als afkorting voor WelEdelgestrenge of WelEdele Heer).
* Administratieve sporen: De aantekening "22/4" onder de datum duidt waarschijnlijk op de datum van ontvangst of behandeling door de administratie. * Tijdsbeeld: De brief is geschreven in april 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De schaarste waar de afzender over spreekt ("geen Elastiek kunnen krijgen") is een direct gevolg van de oorlogseconomie. Grondstoffen zoals rubber (nodig voor elastiek) waren al vroeg in de bezetting schaars en gingen op de bon of verdwenen geheel van de markt.
* Locatie: De Westerstraatmarkt is een van de oudste en bekendste markten in de Amsterdamse Jordaan. De Nieuwe Prinsengracht lag in de toenmalige Joodse buurt van Amsterdam.
* Persoonlijke context: Uit historisch onderzoek (o.a. Joods Monument) blijkt dat de afzender waarschijnlijk Sara Okkes-Blom is. Veel Joodse markthandelaren kregen in deze periode te maken met steeds strengere beperkingen van de bezetter, wat het zoeken naar "andere handel" of het tijdelijk staken van de verkoop nog nijpender maakte. Dit schijnbaar eenvoudige administratieve briefje weerspiegelt de dagelijkse strijd om het voortbestaan in een tijd van toenemende onderdrukking en gebrek. N. Prinsengracht S. Okkes