Rapport van de Amsterdamse Marktpolitie/Controleur.
Origineel
Rapport van de Amsterdamse Marktpolitie/Controleur. 9 september 1942. Controleur Felthuis. [Stempel/Kenmerk linksboven:] $N^o 37/101/3$
[Stempel/Kenmerk midden:] M. 1042
[Handgeschreven:] 15/9
R A P P O R T
Naar aanleiding van bijgaande rapporten heb ik, ondergetee k dende,
controleur Felthuis, een nader onderzoek ingesteld, waarbij het vo h-
gende is gebleken. De be i d e n, in het rapport van Uitvlucht genoemde,
klagers gaven mij op, respectieve l ijk te zijngenaamd:
Bertha Johanna Nagel-Remmers, oud 35 jaar, huisvrouw en wonende
Minahassastraat 45 II alhier en:
Adri a n a van Wijk-Ippel, oud 35 jaar, huisvrouw, wonende Insulindeweg
116 II alhier. Zij verklaarden van Esve l d, die op Zaterdag 22 Augustus
1942 een plaats had bezet in Su m a t r a s t r a a t voor de verkoop van
[Marginale notitie:] kleinhandelaar dus.
groen t e n, reode kool te kunnen koopen op voorwaarde, dat zij er komkom-
mer bij zouden nemen. Daar zij wel reede kool maar geen komkommer
wilden koopen, weigerde Esveld aan hen reede kool mede te geven.
Bij onderzoek is mij, rapporteur, gebleken, dat be d o e l d e Esveld is:
Coenraad Esveld,
geboren te Amsterdam 8 Maart 1908, groentehandelaar en wonende
Dapperplein 5 I alhier.
Deze bekende inderdaad, dat hij op 22 Augustus 1942 een plaats
had bezet voor de verkoop van roode kool en komkommers, dat hij deze
artikelen tezamen had verkocht en dat hij geweigerd had om reode
kool alleen te verkoopen. Hij verklaarde dit te hebben gedaan omdat
hij anders niet van zijn komkommers af kon komen. Esveld verklaarde
tevens, dat hij in deze niet alleen staat want dat iedere koopman, het-
zij groot of kleinhandelaar zijn producten krijgt toegewezen, onge-
acht of hij ze noodig heeft of niet, en derhalve wel genoodzaakt is
om op die manier zaken te doen. Met betrekking tot de producten die
Esveld verhandelde, kan nog het volgende worden gemeld.
Deze waren hem, door bemiddeling van zijn commissionair Besseling uit
Zwaag toegezonden., en afkomstig van de veiling aldaar. Esveld verklaa-
rde, deze producten te hebben ontvangen per spoor aan de Oosterburge-
ergracht alhier. Een gedeelte hiervan had hij reeds door kunnen ver-
koopen doch het overige gedeelte verhandeld in de Sumatrastraat.
Esveld is in het bezit van een erkenning als groothandelaar in
groenten en fruit onder G. 59954. Hij verklaarde, dat hij om zijn [doorgehaald]
bedrijf uit te oefenen een plaats wilde bezetten op de Centrale
Markt, doch dat deze hem tot nu toe was geweigerd, reden waarom hij
zijn zaken buiten de Centrale Markt moest verrichten.
Amsterdam 9 September 1942
Controleur,
[Signatuur: F. Felthuis]
Den Heer Bedrijfschef
van het Marktwezen.
[Grote handgeschreven paraaf/handtekening door de tekst]
[Onderaan:]
gezien [Handtekening] 17/9 1942
hulp [Signatuur] Dit rapport documenteert een onderzoek naar koppelverkoop (het verplicht bijverkopen van een minder gewild product bij een schaars product). Twee huisvrouwen klaagden dat zij geen rode kool konden kopen zonder ook komkommers af te nemen.
De verdachte, Coenraad Esveld, bekent de feiten maar voert een verdediging aan die tekenend is voor de oorlogseconomie: hij krijgt zijn voorraad toegewezen (distributiesysteem) en wordt gedwongen ook producten af te nemen die hij niet direct kwijt kan. Om zelf niet met verliezen en onverkoopbare voorraad te blijven zitten, dwingt hij de consument tot hetzelfde.
Opvallend is de juridische/administratieve discussie in de kantlijn: Esveld claimt een erkenning als groothandelaar te hebben, maar de controleur of een latere lezer noteert in de marge "kleinhandelaar dus", omdat hij op straat (Sumatrastraat) verkoopt in plaats van op de Centrale Markt. Het document dateert uit september 1942, een periode van toenemende schaarste in bezet Nederland. De voedselvoorziening stond onder strikte controle van de Duitse bezetter en de Nederlandse autoriteiten (het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening).
- Distributiestelsel: Handelaren waren afhankelijk van toewijzingen via commissionairs en veilingen (zoals hier uit Zwaag). De "vrije markt" bestond nagenoeg niet meer.
- Koppelverkoop: Hoewel verboden, was koppelverkoop een veelvoorkomend fenomeen om de economische risico's van het distributiesysteem af te wentelen op de eindgebruiker.
- De Centrale Markt: De Centrale Markthal aan de Jan van Galenstraat was het zenuwcentrum van de Amsterdamse voedseldistributie. Dat Esveld daar geweigerd werd, dwong hem tot "wilde" straathandel, wat hem extra kwetsbaar maakte voor controles zoals beschreven in dit rapport. F. Felthuis Felthuis (Controleur) Marktwezen Rijksbureau