Archief 745
Inventaris 745-359
Pagina 74
Dossier 93
Jaar 1941
Stadsarchief

Handgeschreven brief (verzoekschrift/klacht).

Van: W. Botter en collega-visvissers/handelaren van Amsterdam.

Origineel

Handgeschreven brief (verzoekschrift/klacht). W. Botter en collega-visvissers/handelaren van Amsterdam. Voorts

Daar de bewijzen aanwezig zijn, dat B. Sliphorst
samen doet met Dorus Otto, dus de winst van de
mosselen plus zijn toewijzing.
Ik hoop, dat U ook hier verbetering in brengt.
Verder
Dat er op de markt klachten over Klaas Lammers,
die een betrekking heeft en toch zijn toewijzing krijgt
en tevens zijn standplaats heeft, met behulp van
een z.g. plaatsvervanger.
Als laatste nog.
De venter C. v. Ganten, die een toewijzing neemt, omdat
zijn vrouw nu ook alweer zoogenaamd voor het
eerst van haar leven in de visch gegaan is.
Ik zou nog bijna vergeten die twee neven van mijn
vrouw. t.w. Jaap en Roel Jansen.

Ik hoop, dat U zult begrijpen, dat U verplicht bent
hierin verandering te brengen en er de desbetreffende
commissie belast met deze zaak volledig van in kennis
te brengen. Bij voorbaat dank

W. Botter en zijn
collega’s vischhandelaren
van Amsterdam De brief is een formeel maar emotioneel geladen schrijven van een vertegenwoordiger van Amsterdamse vishandelaren (W. Botter). De toon is dwingend ("dat U verplicht bent"). De kern van de klacht betreft oneerlijke concurrentie en misbruik van het vergunningenstelsel ("toewijzing"):
1. B. Sliphorst & Dorus Otto: Worden beschuldigd van een ongeoorloofde samenwerking om dubbel profijt te trekken.
2. Klaas Lammers: Zou een vaste baan ("betrekking") hebben, wat hem mogelijk uitsluit van een marktvergunning, maar hij omzeilt dit via een stroman ("plaatsvervanger").
3. C. v. Ganten: Zou een vergunning hebben verkregen op naam van zijn vrouw onder valse voorwendselen.
4. Jaap en Roel Jansen: Worden genoemd als familieleden (neven van Botters vrouw) die eveneens betrokken zijn bij de kwestie, hoewel de exacte aard van hun overtreding hier minder expliciet wordt uitgelegd.

De schrijver eist dat de geadresseerde de "desbetreffende commissie" informeert om de situatie te corrigeren. Dit document biedt een inkijk in de strikte regulering van de Amsterdamse markten in de vroege tot midden 20e eeuw. Toewijzingen en standplaatsen waren schaars en vormden de enige bron van inkomsten voor veel gezinnen. Fraude met vergunningen (zoals het aanhouden van een standplaats terwijl men ander werk had, of het exploiteren van meerdere plaatsen via familieleden) leidde vaak tot grote sociale spanningen binnen de beroepsgroep. De brief is waarschijnlijk gericht aan de marktmeester of de Gemeentelijke Marktcommissie van Amsterdam.

Samenvatting

De brief is een formeel maar emotioneel geladen schrijven van een vertegenwoordiger van Amsterdamse vishandelaren (W. Botter). De toon is dwingend ("dat U verplicht bent"). De kern van de klacht betreft oneerlijke concurrentie en misbruik van het vergunningenstelsel ("toewijzing"):
1. B. Sliphorst & Dorus Otto: Worden beschuldigd van een ongeoorloofde samenwerking om dubbel profijt te trekken.
2. Klaas Lammers: Zou een vaste baan ("betrekking") hebben, wat hem mogelijk uitsluit van een marktvergunning, maar hij omzeilt dit via een stroman ("plaatsvervanger").
3. C. v. Ganten: Zou een vergunning hebben verkregen op naam van zijn vrouw onder valse voorwendselen.
4. Jaap en Roel Jansen: Worden genoemd als familieleden (neven van Botters vrouw) die eveneens betrokken zijn bij de kwestie, hoewel de exacte aard van hun overtreding hier minder expliciet wordt uitgelegd.

De schrijver eist dat de geadresseerde de "desbetreffende commissie" informeert om de situatie te corrigeren.

Historische Context

Dit document biedt een inkijk in de strikte regulering van de Amsterdamse markten in de vroege tot midden 20e eeuw. Toewijzingen en standplaatsen waren schaars en vormden de enige bron van inkomsten voor veel gezinnen. Fraude met vergunningen (zoals het aanhouden van een standplaats terwijl men ander werk had, of het exploiteren van meerdere plaatsen via familieleden) leidde vaak tot grote sociale spanningen binnen de beroepsgroep. De brief is waarschijnlijk gericht aan de marktmeester of de Gemeentelijke Marktcommissie van Amsterdam.

Kooplieden in dit dossier 97

Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper Waterlooplein 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper Waterlooplein 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper Waterlooplein 0,34
Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper Waterlooplein 0,34
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,26
dhr. Dinkgreve (voorzitter) Waterlooplein 0,26
Bot, andere dan Noordzeebot Waterlooplein 0,63
Bot, andere dan Noordzeebot Waterlooplein 0,63
Bot, andere dan Noordzeebot Waterlooplein 0,63
Bot, andere dan Noordzeebot Waterlooplein 0,63
Bot (zee) Waterlooplein
Bot (zee) Waterlooplein
Edelkarper (levend) Waterlooplein 0,68
Edelkarper (levend) Waterlooplein 0,68
Edelkarper (levend) Waterlooplein 0,68
Edelkarper (levend) Waterlooplein 0,68
Griet boven 1 pond Waterlooplein
Griet boven 1 pond Waterlooplein
Griet boven 1 pond Waterlooplein
Griet tot 1 pond Waterlooplein
Griet tot 1 pond Waterlooplein
Griet tot 1 pond Waterlooplein
K.G. Schelvisch Waterlooplein
B. Schelvisch Waterlooplein
B. Schelvisch Waterlooplein
G.S. Tonglet Waterlooplein
G.S. Tonglet Waterlooplein
G.S. Tonglet Waterlooplein
Alle 97 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 3