Handgeschreven brief.
Origineel
Handgeschreven brief. 30 oktober 1941. Een niet nader genoemde "Mijnheer" (vermoedelijk een ambtenaar of beheerder van de visverdeling). Inschrijven
30-10-1941.
Mijnheer
Mijnheer ik wou u een paar
woordjes schrijf om dat u
het smorgens te druk heeft.
ben ik zoo vrij om het
maar per briefje te doen.
Mijnheer ik moest sonde-
nuut hoore van u dat ik
uit de verdeeling van visch
geschrapt was mag ik daar de
rede van weten daar ik al
20 jaar op de vischmark
schouw maar nooit in de hal
gekocht heb komt om dat ik
niet kan mijne maar toch
visch gekocht aan de Kant
dan bij Hertoch Steege
Gerish enzovoort.
Mijnheer ik moet 64 gulde
omzet belasting betaale dus heb
toch visch verkocht om
belasting er voor moete
betaale en heb nog nooit * Kern van het schrijven: De schrijver maakt bezwaar tegen het feit dat hij/zij is geschrapt uit de officiële distributie van vis ("uit de verdeeling van visch geschrapt").
* Argumentatie:
1. Ervaring: De auteur werkt al 20 jaar op de vismarkt.
2. Inkoopmethode: Hoewel de auteur nooit direct in de visafslag ("de hal") kocht via het "mijnen" (bij opbod kopen), kocht hij/zij wel degelijk vis in "aan de kant" via tussenhandelaren zoals Hertoch, Steege en Gerish.
3. Fiscaal bewijs: De auteur voert aan dat hij 64 gulden aan omzetbelasting moet betalen, wat aantoont dat er commerciële activiteiten (verkoop) plaatsvinden.
* Taalgebruik: Het Nederlands bevat diverse spelfouten en archaïsche/dialectische vormen (bijv. "rede" voor reden, "betaale" voor betalen, "sonde-nuut" wat waarschijnlijk "zojuist" of "onlangs" betekent in een lokale variant). Dit duidt op een schrijver uit de arbeidersklasse.
* Toon: De brief is beleefd doch dringend. Het gebruik van "Mijnheer" aan het begin van bijna elke alinea benadrukt de eerbiedige maar noodlijdende positie van de schrijver. * Tijdsperiode: De brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
* Schaarste en distributie: Tijdens de oorlog waren veel goederen, waaronder vis, onderworpen aan strikte distributieregels en rantsoenering. Toegang tot de officiële "verdeeling" was essentieel voor het voortbestaan van een kleine ondernemer.
* Economische controle: De bezetter en de Nederlandse overheden oefenden strikte controle uit op de handel. Wie niet officieel geregistreerd stond bij de juiste instanties (zoals de visafslag of de Centrale voor de Visserij), liep het risico zijn broodwinning te verliezen. De auteur probeert hier via een officiële weg (het aantonen van belastingbetaling) zijn recht op handel aan te tonen.
Samenvatting
- Kern van het schrijven: De schrijver maakt bezwaar tegen het feit dat hij/zij is geschrapt uit de officiële distributie van vis ("uit de verdeeling van visch geschrapt").
- Argumentatie:
- Ervaring: De auteur werkt al 20 jaar op de vismarkt.
- Inkoopmethode: Hoewel de auteur nooit direct in de visafslag ("de hal") kocht via het "mijnen" (bij opbod kopen), kocht hij/zij wel degelijk vis in "aan de kant" via tussenhandelaren zoals Hertoch, Steege en Gerish.
- Fiscaal bewijs: De auteur voert aan dat hij 64 gulden aan omzetbelasting moet betalen, wat aantoont dat er commerciële activiteiten (verkoop) plaatsvinden.
- Taalgebruik: Het Nederlands bevat diverse spelfouten en archaïsche/dialectische vormen (bijv. "rede" voor reden, "betaale" voor betalen, "sonde-nuut" wat waarschijnlijk "zojuist" of "onlangs" betekent in een lokale variant). Dit duidt op een schrijver uit de arbeidersklasse.
- Toon: De brief is beleefd doch dringend. Het gebruik van "Mijnheer" aan het begin van bijna elke alinea benadrukt de eerbiedige maar noodlijdende positie van de schrijver.
Historische Context
- Tijdsperiode: De brief is geschreven tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog.
- Schaarste en distributie: Tijdens de oorlog waren veel goederen, waaronder vis, onderworpen aan strikte distributieregels en rantsoenering. Toegang tot de officiële "verdeeling" was essentieel voor het voortbestaan van een kleine ondernemer.
- Economische controle: De bezetter en de Nederlandse overheden oefenden strikte controle uit op de handel. Wie niet officieel geregistreerd stond bij de juiste instanties (zoals de visafslag of de Centrale voor de Visserij), liep het risico zijn broodwinning te verliezen. De auteur probeert hier via een officiële weg (het aantonen van belastingbetaling) zijn recht op handel aan te tonen.