Handgeschreven brief (bezwaarschrift).
Origineel
Handgeschreven brief (bezwaarschrift). Een koopman genaamd Tas (mogelijk "W.A. Tas" of "G.A. Tas" gezien de initialen). $N^{\underline{o}} 46^A/84/6$ M. $1941 \frac{22}{11}$
Geachte Heer [onleesbaar krabbel/paraaf erboven]
Naar aanleiding van mijn verzoek om verse
vis uit de Gem. Visafslag te Amsterdam
te betrekken (Visverdeling) is door de
Visscherij-Centrale ingestelde Commissie afge-
wezen. Naar mijn inziens is die onderzoek foutief.
En wel om reden $\underline{N}^{\underline{o}} 1$
Ik moet aantoonen alsdat ik in 1939-1940
in zoetwatervis heeft gehandeld. Die bewijzen
bestaan voor mij [doorgehaald: bestaan voor mij]
Ik heb sinds 1929 geregeld en ongeregeld in
alle soorten vis gehandeld. Zoowel zeevis
als zoetwatervis. In mijn vorige brief heb ik
U medegedeeld alsdat ik de jaren 1937-1940
in Rotterdam mijn beroep als koopman heb
uitgeoefend. Daardoor stond ik in Rotterdam
ingeschreven als Vis- Fruitkoopman. Die
bewijzen zijn er, dus ook wel te verkrijgen.
In de boeken van de Visafslag te Rotterdam
komt mijn naam ook voor echter als Tas
Amsterdam.
[Initialen rechtsonder: W A] * Inhoud: De schrijver maakt bezwaar tegen een besluit van een commissie van de Visscherij-Centrale. Hij wil vis inkopen bij de Gemeentelijke Visafslag in Amsterdam, maar is afgewezen omdat hij niet zou kunnen aantonen dat hij in 1939-1940 in zoetwatervis handelde. De schrijver voert aan dat hij al sinds 1929 in alle soorten vis handelt en in de relevante jaren in Rotterdam als "Vis- Fruitkoopman" geregistreerd stond.
* Schrifttype: Een vlot en duidelijk leesbaar 20e-eeuws cursief handschrift met de voor die tijd kenmerkende spelling (zoals "alsdat" en "Visscherij").
* Toon: Zakelijk, standvastig en corrigerend. De schrijver wijst de commissie op een foutieve beoordeling van zijn werkverleden. * Historische context: De brief dateert uit november 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de handel in levensmiddelen, waaronder vis, strikt gereguleerd door centrale instanties (zoals de Visscherij-Centrale) om de distributie en rantsoenering te beheersen.
* Regelgeving: Om in aanmerking te komen voor toewijzing van handelswaar (de "Visverdeling"), moesten handelaren bewijzen dat zij al vóór de oorlog (referentieperiode 1937-1940) actief waren in die specifieke branche. Dit document illustreert de bureaucratische hindernissen waar kleine ondernemers mee te maken kregen om hun bedrijfsvoering voort te kunnen zetten onder het bezettingsregime.
* Mobiliteit: De afzender is blijkbaar verhuisd of opereerde tussen Rotterdam en Amsterdam, wat de bewijsvoering voor zijn registratie bemoeilijkte.