Getypte brief (doorslag of kopie) met handgeschreven aantekening.
Origineel
Getypte brief (doorslag of kopie) met handgeschreven aantekening. 25 november 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Visschery-Centrale of een gelieerd orgaan). Den Heer A.N. de Bray, Transvaalkade 38 I, Amsterdam-Oost (Wyk 20). [Handgeschreven in blauw potlood/inkt bovenaan:]
Verzonden 25/11
den Heer A.N. de Bray,
Transvaalkade 38 I,
Amsterdam-Oost. Wyk 20.
46A/93/2 M 25 November 1941.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 10 September jl.
deel ik U mede, dat na onderzoek door de door de Visschery-
Centrale ingestelde Commissie is gebleken, dat U nimmer in
zoetwatervisch heeft gehandeld.
Aan Uw verzoek kan derhalve geen gevolg worden gegeven.
De Directeur, Dit document is een formele, bureaucratische afwijzing van een verzoek dat ruim twee maanden eerder (10 september 1941) was ingediend door de heer A.N. de Bray. De kern van de afwijzing ligt in het feit dat een speciale onderzoekscommissie heeft vastgesteld dat de aanvrager nooit in zoetwatervis heeft gehandeld.
De tekst is zakelijk en kortaf. Het gebruik van de spelling met '-ch' (Visschery, zoetwatervisch) is conform de toen geldende spelling-De Vries en Te Winkel (die pas in 1947 officieel werd vereenvoudigd). De handgeschreven aantekening bovenaan dient als administratieve bevestiging van de verzending op dezelfde dag als de datering van de brief. Het document dateert uit november 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werden diverse 'Centrales' opgericht of uitgebreid om de distributie en productie van goederen en voedsel strikt te reguleren. De Visschery-Centrale speelde hierin een centrale rol voor de vissector.
Handelaren hadden vergunningen nodig om te mogen opereren en waren onderworpen aan strenge controles. De afwijzing van het verzoek van De Bray kan duiden op een aanvraag voor een handelsvergunning of een compensatieregeling. Het feit dat de commissie concludeert dat hij "nimmer" in zoetwatervis handelde, suggereert dat men probeerde te voorkomen dat 'nieuwkomers' of 'onbevoegden' de markt betraden in een tijd van schaarste en rantsoenering.
De locatie, Transvaalkade 38 in Amsterdam-Oost, lag in een buurt die tijdens de bezetting zwaar getroffen werd door de Jodenvervolging, hoewel de naam 'De Bray' niet direct een Joodse achtergrond suggereert. Het archiefstuk illustreert de verregaande bureaucratische controle op het dagelijks economisch leven tijdens de oorlogsjaren.
Samenvatting
Dit document is een formele, bureaucratische afwijzing van een verzoek dat ruim twee maanden eerder (10 september 1941) was ingediend door de heer A.N. de Bray. De kern van de afwijzing ligt in het feit dat een speciale onderzoekscommissie heeft vastgesteld dat de aanvrager nooit in zoetwatervis heeft gehandeld.
De tekst is zakelijk en kortaf. Het gebruik van de spelling met '-ch' (Visschery, zoetwatervisch) is conform de toen geldende spelling-De Vries en Te Winkel (die pas in 1947 officieel werd vereenvoudigd). De handgeschreven aantekening bovenaan dient als administratieve bevestiging van de verzending op dezelfde dag als de datering van de brief.
Historische Context
Het document dateert uit november 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode werden diverse 'Centrales' opgericht of uitgebreid om de distributie en productie van goederen en voedsel strikt te reguleren. De Visschery-Centrale speelde hierin een centrale rol voor de vissector.
Handelaren hadden vergunningen nodig om te mogen opereren en waren onderworpen aan strenge controles. De afwijzing van het verzoek van De Bray kan duiden op een aanvraag voor een handelsvergunning of een compensatieregeling. Het feit dat de commissie concludeert dat hij "nimmer" in zoetwatervis handelde, suggereert dat men probeerde te voorkomen dat 'nieuwkomers' of 'onbevoegden' de markt betraden in een tijd van schaarste en rantsoenering.
De locatie, Transvaalkade 38 in Amsterdam-Oost, lag in een buurt die tijdens de bezetting zwaar getroffen werd door de Jodenvervolging, hoewel de naam 'De Bray' niet direct een Joodse achtergrond suggereert. Het archiefstuk illustreert de verregaande bureaucratische controle op het dagelijks economisch leven tijdens de oorlogsjaren.