Officiële prijzenbeschikking (overheidsdocument).
Origineel
Officiële prijzenbeschikking (overheidsdocument). 1941 (na 2 april 1941). Het paarse stempel vermeldt "M. 1941". NEDERLANDSCHE VISSCHERIJCENTRALE
JULIANA VAN STOLBERGPLEIN 3-4 'S-GRAVENHAGE
POSTGIROREKENING 2 4 5 2 7 1 TELEFOON 7 2 0 0 8 0 *
TELEGRAMADRES: NEDVISCEN INTERCOMM. XX
№ 46/B/2/2 M. 1941 [paars stempel]
№ 397
PRIJZENBESCHIKKING ZOETWATERVISCH 1941 № 2
Ter vervanging van het Prijzenbesluit 1941 Zoetwatervisch van 2 April 1941, № 1403, Afdeeling Visscherijen, is deze Beschik- king, welke op het volgende neerkomt, thans van kracht.
(De tabellen, waarnaar hieronder verwezen is, zijn achter los bijgevoegd).
TABEL A
Kolom I.
De maximum verkoopprijzen, hieronder vermeld, dienen in het volgende geval te worden berekend:
bij verkoop van een visscher aan een rooker, groothandelaar of kleinhandelaar al of niet over een afslag, m.a.w. aan anderen dan aan den consument.
Kolom II.
De maximum verkoopprijzen, hieronder vermeld, dienen in de volgende gevallen te worden berekend:
a) bij verkoop door een visscher rechtstreeks aan den consument;
b) bij verkoop door een groothandelaar aan den rooker, kleinhandelaar of consument.
Bovendien wordt bepaald, dat een visscher niet rechtstreeks aan den consument mag leveren, tenzij hij duidelijk kan aantoonen, dat hij in de jaren 1939 en 1940 als regel recht- streeks aan den consument leverde.
De in tabel A kolom I vastgestelde prijzen gelden franco station van verzending, met uitzondering van het geval, dat de groothandelaar aan den rooker levert. In dat geval geldt de conditie "franco rookerij".
Het komt meermalen voor, dat tusschen den visscher en den kleinhandelaar meer dan één grossier is ingeschakeld. In dat geval zullen de grossiers de aan den grossier toegekende be- looning moeten deelen. De belooning van den grossier bestaat uit het verschil tusschen den verkoopprijs voor den visscher (kolom I) en den verkoopprijs voor den groothandelaar (kolom II).
Commissiekoopers mogen ƒ 0,02 per ½ kg exclusief vracht aan hun opdrachtgevers in rekening brengen. Vanzelfsprekend komt deze belooning in mindering van de opdrachtgevers.
Kolom III.
De maximum verkoopprijzen, hieronder vermeld, dienen in het volgende geval te worden berekend:
bij verkoop van een kleinhandelaar, die de visch direct van den visscher betrekt, dus niet door tusschenkomst van den groothandelaar.
Z.C.Z.
[Logo met A in cirkel] 19624 - '41 Dit document is een administratieve verordening die de economische keten van de zoetwatervisserij strikt aan banden legt. De kern van de beschikking is het vaststellen van wie welke prijs mag vragen, afhankelijk van hun rol in de handelsketen (visser, groothandelaar/grossier, roker, kleinhandelaar of consument).
De tekst onderscheidt drie categorieën (kolommen):
1. Kolom I: Prijzen voor de handel (visser naar tussenhandel).
2. Kolom II: Prijzen voor directe verkoop aan de consument of verkoop door de groothandel.
3. Kolom III: Prijzen voor kleinhandelaren die de groothandel overslaan.
Opvallend is de poging om de distributiekanalen te bevriezen zoals ze waren vóór de oorlog (referentie naar de jaren 1939 en 1940). Dit was bedoeld om prijsopdrijving en de zwarte markt tegen te gaan door directe verkoop door vissers aan burgers te beperken. Ook worden de marges voor tussenpersonen (grossiers en commissiekoopers) exact vastgelegd. Dit document stamt uit 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was een zogenaamde 'vakschakel' of crisisorganisatie die door de bezetter werd gebruikt (en vaak was opgezet op basis van vooroorlogse crisiswetgeving) om de voedselvoorziening en de economie onder controle te houden.
Dergelijke prijsbeschikkingen waren onderdeel van de geleide economie in oorlogstijd. Door de schaarste die ontstond door de bezetting en de export naar Duitsland, probeerde het bestuur via de NVC de prijzen laag te houden en de distributie centraal te sturen. De strikte scheiding tussen de verschillende handelsfasen en de bewijslast voor vissers over hun vooroorlogse handelswijze illustreren de bureaucratische controle waarmee de bevolking in die periode te maken kreeg.