Administratief bijblad/memo (Model No. 14 van de afdeling Algemene Zaken).
Origineel
Administratief bijblad/memo (Model No. 14 van de afdeling Algemene Zaken). Doorgezonden op 13 maart 1941. [Kader linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 53/Q/1, 1941
DOORGEZONDEN: 13/3 - '41.
[Handgeschreven tekst]
Voorstel tot restitutie van entreegelden
maken voor fl 7.50 op gronden van
billijkheid art 36 v.d. V.o.d.L.
Heeft betaald f 10.-
berekend tegen maand- resp.
weektarief zou betaald zijn
in de periode 1/1 '41 - 9/3 - '41.
2 x f 1.- = f 2.-
2 x f 0.25 = 0.50
2.50
restitutie 7.50
[Voetnoot]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Dit document betreft een intern administratief voorstel voor de terugbetaling (restitutie) van een deel van reeds betaalde entreegelden.
* Financiële afhandeling: Er is oorspronkelijk 10 gulden betaald. De ambtenaar heeft berekend dat de persoon in kwestie over de periode van 1 januari tot 9 maart 1941 (ongeveer 2 maanden en 1 à 2 weken) slechts 2,50 gulden verschuldigd zou zijn op basis van de geldende periode-tarieven (2 x 1 gulden per maand en een restbedrag van 0,50).
* Juridische grondslag: Het voorstel wordt gedaan op basis van "billijkheid" (redelijkheid), verwijzend naar artikel 36 van de "V.o.d.L." (vermoedelijk de Verordening op de Luchtverdediging of een aanverwante lokale verordening uit die tijd).
* Bedrag: Het voorgestelde restitutiebedrag is 7,50 gulden. Het document dateert van maart 1941, tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De afkorting "V.o.d.L." verwijst zeer waarschijnlijk naar de regelgeving rondom de Luchtbescherming. In deze periode werden veel burgers verplicht of dringend verzocht bijdragen te betalen voor organisaties zoals de Luchtbeschermingsdienst (LBD).
Dat de restitutie wordt verleend op gronden van "billijkheid" suggereert dat de persoon die het bedrag betaalde door omstandigheden (bijvoorbeeld verhuizing, overlijden of opheffing van een post) niet het volledige jaar of de volledige termijn gebruik heeft kunnen maken van de diensten waarvoor de entreegelden bedoeld waren. Het gebruik van "Model No. 14" uit 1937 laat zien dat de Nederlandse administratie in de vroege oorlogsjaren nog grotendeels gebruikmaakte van vooroorlogse bureaucratische systemen en formulieren. L.