Officieel rapport/ambtelijke correspondentie
Origineel
Officieel rapport/ambtelijke correspondentie 25 juli 1941 Een controleur van de gemeente Amsterdam (ondertekend met S. Velthuis?) R A P P O R T
P.C.Korst, wonende Bloemgracht 152 alhier, verzoekt om een toegangskaart
voor de Centrale Markt als overkruier ~~als overkruier~~. Kost is met zijn
vrouw inwonend bij zijn moeder, de weduwe Kost. Van beroep is hij, even-
als zijn vrouw, variete artist (acrobaat) en heeft alszoodanig veelal
in het buitenland gewerkt. Hierin valt voor hen echter blijkbaar niets
te verdienen reden waarom hij als overkruier wil trachten in zijn onder-
houd te voorzien. Kost, noch zijn moeder genieten ondersteuning van
Sociale zaken. Voor zoover door mij kon worden nagegaan is Kost nog nimmer
met de Politie in aanraking geweest.
Amsterdam 25 Juli 1941
Controleur,
Den Heer Bedrijfschef [handtekening S. Velthuis]
v/h Marktwezen.
[Grote handgeschreven paraaf/teken links: "Jos"] Dit getypte rapport is een ambtelijk advies over een vergunningsaanvraag. De kern van het document is de aanvraag van P.C. Korst om te mogen werken als 'overkruier' (iemand die goederen met een handkar vervoert) op de Amsterdamse Centrale Markt.
Enkele opvallende details:
* Taalfout/Typfout: In de tweede regel is de tekst "als overkruier" dubbel getypt en vervolgens met de typemachine doorgehaald.
* Sociaal-economische achtergrond: De aanvrager is van oorsprong een variété-artiest (acrobaat). Dit duidt op de economische malaise tijdens de bezetting; door de oorlog en reisbeperkingen konden veel artiesten hun beroep niet meer uitoefenen en moesten zij op zoek naar zwaar fysiek ongeschoold werk.
* Check op betrouwbaarheid: De controleur benadrukt dat de aanvrager geen uitkering ontvangt ("ondersteuning van Sociale zaken") en geen strafblad heeft ("nimmer met de Politie in aanraking geweest"). Dit waren destijds cruciale criteria voor het verkrijgen van werkvergunningen op belangrijke logistieke knooppunten zoals de markt. Het document dateert uit juli 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De Centrale Markt in Amsterdam (aan de Jan van Galenstraat) was een vitaal onderdeel van de voedselvoorziening. Toegang tot de markt was strikt gereguleerd met toegangskaarten.
De situatie van Korst is tekenend voor de tijd: een internationale artiest die door de oorlog gedwongen is om in te wonen bij zijn moeder op de Bloemgracht en simpel handwerk aanneemt om te overleven. De vermelding van "niet in aanraking met de politie" was extra relevant voor de bezetter en het gemeentebestuur om de controle op de voedselstromen te waarborgen en 'onruststokers' of criminelen te weren van het marktterrein.