Archief 745
Inventaris 745-362
Pagina 77
Dossier 2A
Jaar 1941
Stadsarchief

Ambtelijke rapportage of brief.

11 juni 1941. Aan: Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam.

Origineel

Ambtelijke rapportage of brief. 11 juni 1941. Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, Amsterdam. Bladz. 5
~~XXXX~~ 11 Juni ~~x41~~
37/54/I 59/H/P den Heer Wethouder voor de
Amsterdam. Levensmiddelen,

Volledigheidshalve dient hierbij nog vermeld, dat het artikel aardappelen in dit verband van geen beteekenis is, omdat het, althans wat het overgroot gedeelte daarvan betreft (namelijk de winteraardappelen) vrijwel niet pleegt te worden geveild. Toevalligerwijs treedt de N.V. Nederlandsche Veiling op als veilster voor de Veilingvereeniging "Amsterdam en Omstreken" een combinatie van een aantal aardappelbouwers uit den IJpolder. De omzet is in normale tijden reeds van zeer geringe beteekenis. Onder de tegenwoordige omstandigheden kan dit bedrijf zelfs in het geheel niet worden uitgeoefend.

De veiling te Amsterdam, zooals deze zich tot nu toe heeft ontwikkeld, onderscheidde zich, behalve dat zij uitsluitend als kleinhandelsveiling geëxploiteerd werd, ook in andere opzichten in belangrijke mate van de veilingen in de productiecentra. De veilingen in de productiestreken zijn in het algemeen gespecialiseerd op een bepaalde – meestal beperkte – groep van artikelen (de koolstreek in Noordholland, Broek op Langendijk etc. met kool, kroten, peen, uien en dergelijke stapelproducten; het Westland met speciale Westlandsche teelten als komkommers, tomaten, druiven en dergelijke; Purmerend en Langeraar speciaal voor boonensoorten). De veilingen in de productiecentra worden als regel door coöperatieve veilingvereenigingen geëxploiteerd. Er wordt geveild voor de leden-telers, terwijl zoogenaamde "gasten" (dit zijn telers, die niet bij een veilingorganisatie zijn aangesloten, dan wel lid zijn van een andere veilingorganisatie) op zekere voorwaarden kunnen worden toegelaten. Deze veilingen omvatten dus een min of meer afgebakende en gespecialiseerde productiestreek.

De Amsterdamsche veiling ontving tot 5 Mei haar producten van allerlei verspreid liggende bedrijven; zij was dus niet ingesteld op één "productiecentrum". Zij verleent thans haar diensten voor het veilen van de producten van alle tuinders in de omgeving der stad; in zooverre bestaat er analogie met de veilingen ter plaatse van productie; dit ook wat betreft de groep koopers, welke ter veiling komt. Bovendien blijft het ook in de toekomst in de bedoeling liggen te veilen voor diverse verspreide fruitteeltbedrijven, zooals uit de omgeving van Lisse, het Noorderkwartier van Noordholland, de Betuwe en de fruitstreek van Zuid-Oost Utrecht, waarbij dan ook in het groot zal worden geveild. Ik heb hierboven reeds gewezen op de mogelijkheid van het vestigen van fruitteeltbedrijven in niet al te verre omgeving van Amsterdam, zooals de Haarlemmermeer en de nieuwe Zuid-West polder van het IJselmeer. De mogelijkheid bestaat, dat dergelijke bedrijven evenals de tuinders, zich groepsgewijze voor den afzet hunner producten op Amsterdam zullen richten, waardoor Amsterdam dus evenneens een veilingcentrum voor de fruitcultuur zou kunnen worden.

In onze gedachten zal het veilingwezen te Amsterdam zich moeten ontwikkelen tot een complex van groothandelsveilingen, welke elk op een bepaalde producentengroep zijn ingesteld en waarbij verspreide bedrijven eventueel als "gasten" hun producten kunnen inzenden.

/gang In deze rapportage aan de Amsterdamse Wethouder voor de Levensmiddelen wordt de positie en de gewenste ontwikkeling van de Amsterdamse veiling geanalyseerd. De auteur trekt een vergelijking tussen de Amsterdamse veiling, die van oudsher een kleinhandelskarakter had voor diverse producten uit de directe omgeving, en de gespecialiseerde coöperatieve veilingen in specifieke productieregio's zoals het Westland of de Noord-Hollandse koolstreek.

De kernpunten zijn:
1. Aardappelen: Deze spelen nauwelijks een rol op de veiling, zeker niet onder de huidige oorlogsomstandigheden.
2. Structuurverandering: Er is een verschuiving gaande waarbij de Amsterdamse veiling meer gaat lijken op productie-veilingen, maar dan voor een breder scala aan verspreide aanbieders.
3. Toekomstvisie: Er wordt gepleit voor de ontwikkeling van groothandelsveilingen in Amsterdam, met een specifieke focus op de potentie voor fruitteelt (mogelijk gebruikmakend van nieuwe gronden zoals de IJsselmeerpolders). Het document dateert van 11 juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context van de Tweede Wereldoorlog is essentieel voor het begrip van de tekst:

  • Voedselvoorziening: De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had in oorlogstijd een cruciale en complexe taak. Door de schaarste en de invoer van distributiemaatregelen (bonnenstelsel) was de controle op de verkoop van groenten en fruit van strategisch belang.
  • Centralisatie: De bezetter en de Nederlandse bureaucreatie streefden naar meer grip op de voedselstromen. Het professionaliseren en centraliseren van veilingen paste in het beleid om de distributie efficiënter te beheersen.
  • Landbouwontwikkeling: De verwijzing naar de "nieuwe Zuid-West polder van het IJselmeer" (de huidige Flevopolder/Noordoostpolder) getuigt van de toenmalige plannen voor landbouwuitbreiding, die zelfs tijdens de bezetting doorgingen om de nationale voedselproductie te verhogen.
  • Economische beperkingen: De opmerking dat bepaalde handel "onder de tegenwoordige omstandigheden" niet kan worden uitgeoefend, verwijst direct naar de beperkingen en marktverstoringen door de oorlogvoering en bezettingswetten. N.V. Nederlandsche

Samenvatting

In deze rapportage aan de Amsterdamse Wethouder voor de Levensmiddelen wordt de positie en de gewenste ontwikkeling van de Amsterdamse veiling geanalyseerd. De auteur trekt een vergelijking tussen de Amsterdamse veiling, die van oudsher een kleinhandelskarakter had voor diverse producten uit de directe omgeving, en de gespecialiseerde coöperatieve veilingen in specifieke productieregio's zoals het Westland of de Noord-Hollandse koolstreek.

De kernpunten zijn:
1. Aardappelen: Deze spelen nauwelijks een rol op de veiling, zeker niet onder de huidige oorlogsomstandigheden.
2. Structuurverandering: Er is een verschuiving gaande waarbij de Amsterdamse veiling meer gaat lijken op productie-veilingen, maar dan voor een breder scala aan verspreide aanbieders.
3. Toekomstvisie: Er wordt gepleit voor de ontwikkeling van groothandelsveilingen in Amsterdam, met een specifieke focus op de potentie voor fruitteelt (mogelijk gebruikmakend van nieuwe gronden zoals de IJsselmeerpolders).

Historische Context

Het document dateert van 11 juni 1941, ruim een jaar na het begin van de Duitse bezetting van Nederland. De context van de Tweede Wereldoorlog is essentieel voor het begrip van de tekst:

  • Voedselvoorziening: De "Wethouder voor de Levensmiddelen" had in oorlogstijd een cruciale en complexe taak. Door de schaarste en de invoer van distributiemaatregelen (bonnenstelsel) was de controle op de verkoop van groenten en fruit van strategisch belang.
  • Centralisatie: De bezetter en de Nederlandse bureaucreatie streefden naar meer grip op de voedselstromen. Het professionaliseren en centraliseren van veilingen paste in het beleid om de distributie efficiënter te beheersen.
  • Landbouwontwikkeling: De verwijzing naar de "nieuwe Zuid-West polder van het IJselmeer" (de huidige Flevopolder/Noordoostpolder) getuigt van de toenmalige plannen voor landbouwuitbreiding, die zelfs tijdens de bezetting doorgingen om de nationale voedselproductie te verhogen.
  • Economische beperkingen: De opmerking dat bepaalde handel "onder de tegenwoordige omstandigheden" niet kan worden uitgeoefend, verwijst direct naar de beperkingen en marktverstoringen door de oorlogvoering en bezettingswetten.

Genoemde Personen 1

N.V. Nederlandsche

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Druiven A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Komkommer A.G.F. (Groenten): Kool A.G.F. (Groenten): Kroten A.G.F. (Groenten): Peen A.G.F. (Groenten): Tomaten A.G.F. (Groenten): Uien Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Broek Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Kooplieden in dit dossier 10

Blei, meun, sneep en winde boven ½ kg en kroeskarper
Bot, andere dan Noordzeebot *0.15* [hs]
Edelkarper (levend) *0.45* [hs]
Grossiers en personeel f 642.-
A. Geboorte f. 9.600.-
P.H. Passchier " 4.160.-
Snoek en barbeel *0.12* [hs]
Voorn en kolblei beneden 20 cm en serpeling
M. Sicma *0.20* [hs]

Gerelateerde Documenten 6