Archiefdocument
Origineel
Nº 67/1/1 M.1941 4/2
CENTRALE MARKT (stempel)
C. van Speyk. Zeeweg 4 a
Katwijk.
Teekende een verklaring voor het
bezitten van een plaats buiten
de hal voor bloemen – voor de
maand Januari 1941.
Het verschuldigde plaatsgeld
à f 20.- werd door hem niet
voldaan.
Informeeren of van Speyk van
zijn plaats gebruik heeft gemaakt
en zoo ja schriftelijk tot betaling
aanmanen.
Th. Broerse
v. Speyk heeft op
17. 21. 23. 25 Januari gebruik
gemaakt van zijn plaats – Door de strenge vorst
heeft hij niet opzettelijk verzuimd. Wanneer de vorst
voorbij is zal hij weer komen en als de anderen gaan dan
zal hij zijn plaatsgeld voldoen.
- 4 FEB. 1941 (stempel)
Bij de portiers aan het hek is aan Speyk
bij het betreden van de markt nooit betaald.
v/S
Of bovenst. datum is blijkens rapp. v. [onleesbaar] 7/2. 41
met quantische acceptatie – bewijs [onleesbaar]
preciez – of v/S betaald –
[Paraaf]
(rechtsonder in zwarte inkt)
opgegeven
v. Speyk heeft
Januari 10/2. 41
betaald Dit document is een administratief dossierstuk betreffende de inning van staangeld op een marktterrein.
1. Vordering: C. van Speyk uit Katwijk had een schuld van 20 gulden voor een buitenstaanplaats voor bloemen over de maand januari 1941.
2. Onderzoek: Er werd opdracht gegeven om na te gaan of de plaats daadwerkelijk was bezet. Inspecteur Th. Broerse stelde vast dat Van Speyk op vier specifieke dagen (17, 21, 23 en 25 januari) aanwezig was.
3. Verweer: De reden voor de onregelmatige betaling en aanwezigheid was de extreme kou ("strenge vorst"). Van Speyk gaf aan te zullen betalen zodra het weer zou verbeteren. Er werd tevens geverifieerd dat hij niet reeds aan de poort (bij de portiers) had afgerekend.
4. Conclusie: De administratie werd op 10 februari 1941 gesloten met de aantekening dat het bedrag voor januari alsnog voldaan was. Het document geeft een inkijkje in de dagelijkse marktadministratie tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Hoewel de oorlog gaande was, bleven civiele processen zoals belasting- en huurvorderingen onverminderd doorgaan. De vermelding van "strenge vorst" refereert aan de winter van 1940-1941, die de op twee na koudste winter van de 20e eeuw was. Dit had grote impact op de bloemenhandel, aangezien de waren buiten op de markt konden bevriezen. De woonplaats Katwijk duidt op een kweker die zijn producten naar de Centrale Markt (waarschijnlijk die van Amsterdam) bracht voor de verkoop.