Archiefdocument
Origineel
[Linksboven, in gedrukt kader]
BIJBLAD VAN:
M. - No. 103/23/1 1941
DOORGEZONDEN: 13/11-'41
[Rechtsboven, handgeschreven in blauwe inkt]
897
[Midden boven, handgeschreven]
M. Speyer, pl. 185 Gaaspstraat
[Rechtsmidden, handgeschreven]
Geen bezwaar te hoogste 3 weken
14-11-'41
de Haan [handtekening]
[Midden, handgeschreven in rood potlood/inkt]
103/23/2 17
[Rechtsonder, handgeschreven]
acc. 2 weken
toestaan
mits marktgeld
regelmatig wordt
betaald.
[Handtekening] 22/11 '41
[Linksonder, gedrukte tekst]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 Het document is een ambtelijke notitie van de gemeente Amsterdam (waarschijnlijk de afdeling Algemene Zaken) met betrekking tot een persoon genaamd M. Speyer, wonende aan de Gaaspstraat 185. De aantekeningen wijzen op een vergunningsprocedure:
* Op 13 november 1941 wordt het dossier doorgezonden onder nummer 103/23/1.
* Op 14 november 1941 wordt genoteerd dat er "geen bezwaar" is voor een periode van maximaal 3 weken, ondertekend door een functionaris (mogelijk De Haan).
* Op 22 november 1941 volgt een definitief akkoord ("acc.") voor een kortere periode van 2 weken. Hieraan wordt de expliciete voorwaarde verbonden dat het "marktgeld regelmatig wordt betaald".
Dit suggereert dat het gaat om een tijdelijke ontheffing of vergunning voor een marktkoopman of voor een specifieke handelsactiviteit waarvoor marktgelden verschuldigd zijn. De datum (november 1941) plaatst dit document midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. De Gaaspstraat ligt in de Rivierenbuurt in Amsterdam-Zuid, een buurt die in die tijd een aanzienlijke Joodse populatie huisvestte. De achternaam Speyer komt eveneens veelvuldig voor binnen de Joodse gemeenschap.
In 1941 voerde de bezetter de anti-Joodse maatregelen in hoog tempo op. Vanaf het najaar van 1941 werden Joodse Amsterdammers steeds meer geïsoleerd; zo werden zij in september 1941 verboden om op reguliere markten te staan en werden er specifieke Joodse markten aangewezen (zoals op het Waterlooplein en de Gaaspstraat zelf). De nadruk op de betaling van "marktgeld" en de korte duur van de vergunning passen in de bureaucratische regulering van deze Joodse markten en de uitoefening van beroepen door Joodse burgers onder het nazi-regime. M. Speyer Gemeente Amsterdam