Archief 745
Inventaris 745-367
Pagina 298
Dossier 103
Jaar 1941
Stadsarchief

Doorslag (doorschrijfexemplaar) van een officiële brief.

24 december 1941. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Amsterdamse Marktdienst).

Origineel

Doorslag (doorschrijfexemplaar) van een officiële brief. 24 december 1941. De Directeur (vermoedelijk van de Amsterdamse Marktdienst). Extra
HG.

                     den Heer N.Piller,
                     Amstelkade 36 I,
                     Amsterdam-Zuid.
                                    Wijk 22B.

103/28/2 M. 24 December 1941.

   Naar aanleiding van Uw brief d.d. 20 November jl. verleen

ik U hierbij gedurende drie weken na dato dezes uitstel van Uw ver-
plichting om regelmatig Uw plaats op de markt Gaaspstraat te bezet-
ten.
U dient er echter voor te zorgen, dat het ook tijdens Uw af-
wezigheid verschuldigde marktgeld geregeld wekelijks bij den dienst-
doenden marktambtenaar wordt betaald.

                                     De Directeur, Dit document is een officiële beschikking van de Amsterdamse marktdienst aan Nathan Piller. In de brief krijgt de heer Piller toestemming om zijn standplaats op de markt aan de Gaaspstraat gedurende drie weken niet te bezetten. Dit uitstel wordt verleend naar aanleiding van een verzoek dat hij op 20 november 1941 had ingediend.

Hoewel hij afwezig mag zijn, wordt er uitdrukkelijk bij vermeld dat de financiële verplichting blijft bestaan: het wekelijkse marktgeld moet onverminderd betaald worden aan de aanwezige marktambtenaar. De brief is een voorbeeld van de rigide bureaucratie die ook tijdens de oorlogsjaren doorging. Het feit dat het een doorslag is met de aantekening "Extra" suggereert dat dit exemplaar voor het archief of een andere afdeling was bedoeld. De datum (december 1941) en de locatie (markt Gaaspstraat) zijn cruciaal voor de historische context. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland werden Joodse Amsterdammers steeds verder geïsoleerd. Vanaf de zomer van 1941 mochten Joodse marktkooplieden alleen nog handelen op speciaal aangewezen "Jodenmarkten". De markt aan de Gaaspstraat was een van deze markten.

De geadresseerde, Nathan Piller (geboren in 1894), was een Joodse koopman. Uit historische bronnen (zoals het Joods Monument) is bekend dat hij ten tijde van deze brief inderdaad op de Amstelkade 36 woonde. Het uitstel van de bezettingsplicht op de markt kan te maken hebben gehad met gezondheidsproblemen of andere persoonlijke omstandigheden in een periode van toenemende repressie.

De geschiedenis van de familie Piller is tragisch: Nathan Piller, zijn echtgenote en hun kinderen werden in 1943 gedeporteerd en vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Dit document is een kille, administratieve herinnering aan de dagelijkse overlevingsstrijd van Joodse burgers in bezet Amsterdam, vlak voordat de grootschalige deportaties begonnen. N. Piller

Samenvatting

Dit document is een officiële beschikking van de Amsterdamse marktdienst aan Nathan Piller. In de brief krijgt de heer Piller toestemming om zijn standplaats op de markt aan de Gaaspstraat gedurende drie weken niet te bezetten. Dit uitstel wordt verleend naar aanleiding van een verzoek dat hij op 20 november 1941 had ingediend.

Hoewel hij afwezig mag zijn, wordt er uitdrukkelijk bij vermeld dat de financiële verplichting blijft bestaan: het wekelijkse marktgeld moet onverminderd betaald worden aan de aanwezige marktambtenaar. De brief is een voorbeeld van de rigide bureaucratie die ook tijdens de oorlogsjaren doorging. Het feit dat het een doorslag is met de aantekening "Extra" suggereert dat dit exemplaar voor het archief of een andere afdeling was bedoeld.

Historische Context

De datum (december 1941) en de locatie (markt Gaaspstraat) zijn cruciaal voor de historische context. Tijdens de Duitse bezetting van Nederland werden Joodse Amsterdammers steeds verder geïsoleerd. Vanaf de zomer van 1941 mochten Joodse marktkooplieden alleen nog handelen op speciaal aangewezen "Jodenmarkten". De markt aan de Gaaspstraat was een van deze markten.

De geadresseerde, Nathan Piller (geboren in 1894), was een Joodse koopman. Uit historische bronnen (zoals het Joods Monument) is bekend dat hij ten tijde van deze brief inderdaad op de Amstelkade 36 woonde. Het uitstel van de bezettingsplicht op de markt kan te maken hebben gehad met gezondheidsproblemen of andere persoonlijke omstandigheden in een periode van toenemende repressie.

De geschiedenis van de familie Piller is tragisch: Nathan Piller, zijn echtgenote en hun kinderen werden in 1943 gedeporteerd en vermoord in vernietigingskamp Sobibor. Dit document is een kille, administratieve herinnering aan de dagelijkse overlevingsstrijd van Joodse burgers in bezet Amsterdam, vlak voordat de grootschalige deportaties begonnen.

Genoemde Personen 1

Locaties

Gaaspstraat (Joodse Markt)

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Duitsland/Oosten Jodenster/Maatregelen

Kooplieden in dit dossier 34

Amstelmeer met Amstelmeerkanaal en Waard- en Groetkanaal
Andere hakvruchten 375000 "
Andere handels- gewassen$^2$) 9375 "
Dorpskernen en industrieterreinen
Erven van gebouwen en lustplaatsen 2,2
Boonen 87500 "
Boonen 87500 "
Groenvoeder- Gewassen - $^3)$
Kanalen, vaarten en tochten
J. Zand ( 1,3)
A. Geboorte ( 1,3)
J. Zand (16,6)
A. Geboorte (16,6)
Lichte zavel
Lichte zavel (20,8)
A. Geboorte (20,8)
N.O.polder 47600
Onbelastbare eigendommen 3,3
B. Overige 3169
B. Overige 96250 "
B. Overige 43750 "
Overige handels- gewassen 1751$^4)$
Overige knol-, Wortel- en bolgewassen 50700
Rietland, kwelders, moeras 0,1
Wieringermeerdijk en Amstelmeerdijk
Z.O.polder 93700
Alle 34 kooplieden →