Archief 745
Inventaris 745-368
Pagina 223
Dossier 2A
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag op doorslagpapier) met handgeschreven aantekeningen.

19 februari 1942. Van: Onbekend (vermoedelijk een hoge ambtenaar van de Gemeente Amsterdam, gezien de handtekening "M. Sieburgh" bovenaan).

Origineel

Getypte brief (doorslag op doorslagpapier) met handgeschreven aantekeningen. 19 februari 1942. Onbekend (vermoedelijk een hoge ambtenaar van de Gemeente Amsterdam, gezien de handtekening "M. Sieburgh" bovenaan). [Handgeschreven rechtsboven:]
M. Sieburgh

[Getypte kenmerken linksboven:]
S/HG.

2A/3/3 M.
1

[Handgeschreven in het midden boven de datum:]
verzonden 19/2

[Datum rechtsboven:]
19 Februari 1942.

[Onderwerp links getypt:]
Aardappelvoorziening.

[Adresregels rechts getypt:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l t h i e r .

[Hoofdtekst:]
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 3 dezer om advies ontvangen stuk No.144 L.M.1942, heb ik de eer U, mede onder verwijzing naar de bespreking, welke ik ter zake van den opslag van aardappelen op 17 dezer met U mocht hebben, het volgende mede te deelen.

Nu de heer Ir.S.L.Louwes, Directeur-Generaal van het Rijksbureau voor Voedselvoorziening in Oorlogstijd in een bespreking met den Burgemeester en U op 12 dezer, heeft te kennen gegeven, dat ook hij het noodig oordeelt, dat de Gemeente Amsterdam voortdurend over een voorraad aardappelen beschikt voldoende voor het verbruik gedurende een periode van zes weken, behoeft mijns inziens niet nader op het schrijven van de Nederlandsche Inkoop Centrale voor Akkerbouwproducten te worden ingegaan voor zoover dit betrekking heeft op de grootte van den opslag. Deze Centrale vormt namelijk een onderdeel van den Dienst, waarvan de heer Louwes het hoofd is.

Ik meen te moeten wijzen op punt 5 van het schrijven, waarin gesproken wordt over de extra onkosten, welke het reserveeren van grootere hoeveelheden aardappelen meebrengt. Voor zoover mij bekend, is de interne organisatie van de aardappelvoorziening van de Vebena zoodanig, dat de inkomsten, die de leden der Vebena (de vroegere grossiers) ter zake van hun werkzaamheden ontvangen, afhankelijk zijn van een door hen al of niet "zuinig" gevoerd beheer. Bij dezen gang van zaken heeft een uitvoerend orgaan (Vebena) persoonlijke belangen bij de wijze van uitvoering. Dit is te meer onjuist omdat in de gegeven omstandigheden de kosten van opslag zich niet zullen beperken tot die van huren van pakhuizen en loonen, maar (waar de opslagen in het voorjaar plaatsvinden) tot onvermijdelijke grootere bewaringsverliezen.

Ten einde van de volle medewerking van de Vebena verzekerd te zijn is het noodig, dat ten deze een modus wordt gevonden. Het treffen van maatregelen ligt geheel op den weg van den heer Louwes van wiens dienst de Vebena een der uitvoerende organen is. * Doel van de brief: Het adviseren van de wethouder over de logistieke en financiële aspecten van het aanleggen van een noodvoorraad aardappelen voor zes weken.
* Kernproblematiek: De schrijver signaleert een conflict tussen het publieke belang (voedselzekerheid voor de stad) en de private belangen van de uitvoerders (de Vebena). Omdat grossiers betaald worden op basis van 'zuinig beheer', hebben zij geen baat bij een dure opslag waarbij verliezen (rot/bederf) in het voorjaar onvermijdelijk zijn.
* Bestuurlijke verhoudingen: De brief toont de hiërarchie aan: de gemeente stemt af met het Rijksbureau (onder leiding van Ir. Louwes), dat weer de zeggenschap heeft over de uitvoerende organen zoals de Inkoop Centrale en de Vebena. * Historische achtergrond: Geschreven in februari 1942, de periode van de Duitse bezetting van Nederland. Voedselvoorziening was een kritieke taak van de overheid om hongersnood en onrust te voorkomen.
* Ir. S.L. Louwes: Een centrale figuur in de Nederlandse geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Hij was verantwoordelijk voor de voedselvoorziening en probeerde met een strakke regie de Nederlandse bevolking van eten te voorzien, ondanks de eisen van de bezetter.
* Vebena: De 'Vereeniging ter Bevordering van den Nederlandsche Aardappelhandel'. Dit was een zogenaamd 'vador' (vakgroep-organisatie) waarin de handel werd gereguleerd onder overheidstoezicht.
* Schaarste: De noodzaak voor een voorraad van zes weken geeft de kwetsbaarheid van de voedselketen in oorlogstijd aan. Het 'bewaringsverlies' in het voorjaar (als oude aardappelen beginnen te spruiten of rotten) was een groot risico voor de totale beschikbare hoeveelheid voedsel.

Samenvatting

  • Doel van de brief: Het adviseren van de wethouder over de logistieke en financiële aspecten van het aanleggen van een noodvoorraad aardappelen voor zes weken.
  • Kernproblematiek: De schrijver signaleert een conflict tussen het publieke belang (voedselzekerheid voor de stad) en de private belangen van de uitvoerders (de Vebena). Omdat grossiers betaald worden op basis van 'zuinig beheer', hebben zij geen baat bij een dure opslag waarbij verliezen (rot/bederf) in het voorjaar onvermijdelijk zijn.
  • Bestuurlijke verhoudingen: De brief toont de hiërarchie aan: de gemeente stemt af met het Rijksbureau (onder leiding van Ir. Louwes), dat weer de zeggenschap heeft over de uitvoerende organen zoals de Inkoop Centrale en de Vebena.

Historische Context

  • Historische achtergrond: Geschreven in februari 1942, de periode van de Duitse bezetting van Nederland. Voedselvoorziening was een kritieke taak van de overheid om hongersnood en onrust te voorkomen.
  • Ir. S.L. Louwes: Een centrale figuur in de Nederlandse geschiedenis van de Tweede Wereldoorlog. Hij was verantwoordelijk voor de voedselvoorziening en probeerde met een strakke regie de Nederlandse bevolking van eten te voorzien, ondanks de eisen van de bezetter.
  • Vebena: De 'Vereeniging ter Bevordering van den Nederlandsche Aardappelhandel'. Dit was een zogenaamd 'vador' (vakgroep-organisatie) waarin de handel werd gereguleerd onder overheidstoezicht.
  • Schaarste: De noodzaak voor een voorraad van zes weken geeft de kwetsbaarheid van de voedselketen in oorlogstijd aan. Het 'bewaringsverlies' in het voorjaar (als oude aardappelen beginnen te spruiten of rotten) was een groot risico voor de totale beschikbare hoeveelheid voedsel.

Kooplieden in dit dossier 100

A. Eijpe Waterlooplein
A. Eijpe Waterlooplein x
A.J.M. Ruhe Waterlooplein
A. Lagendijk Waterlooplein
A.C. Lagendijk Waterlooplein Wehrmacht
A.C. Loogman Waterlooplein
A.C. Loogman Waterlooplein
A.C. Pagendijk Waterlooplein rijdt voor Wehrmacht
A. de Bruin Waterlooplein
A. de Knijper Waterlooplein
A.R. Kuiper Waterlooplein
Abraham de Vries Waterlooplein houtgasgen.
A. Bosse Waterlooplein
A.H. Geerts Waterlooplein
A. Hoogins Waterlooplein driewieler aard ± 10 H.L.
A.W. Schouten Waterlooplein
A.W. Schouten Waterlooplein
A Janna [...] Waterlooplein
A. Jansen Waterlooplein
Abraham de Vries Waterlooplein houtgasgen.
Abraham de Vries Waterlooplein houtgasgen.
A. Wouters Waterlooplein
A.J. Pijnaker Waterlooplein
A.J. Pijnaker Waterlooplein
A.P. Tabak Waterlooplein
Aron Stodel Jr. Waterlooplein
A.P. Tabak Waterlooplein
A. Th. Boore Waterlooplein
A. Th. Sijperts Waterlooplein
Alle 100 kooplieden →