Zakelijke brief / correspondentie.
Origineel
Zakelijke brief / correspondentie. 26 februari 1942. Onbekend (waarschijnlijk een lokale dienst te Amsterdam, gezien de verwijzing naar "alhier"). [Handgeschreven in blauw:] extra
M/HG.
de Nederlandsche Akkerbouwcentrale,
Bezuidenhout 15,
's-Gravenhage.
2A/5/2 M. 26 Februari 1942.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 10 Februari jl. No.5219/De heb ik de eer U te berichten, dat de bemoeienissen, die mijn dienst heeft gehad met de partijen aardappelen, die in de maand Mei 1940 aan de Gemeente Amsterdam werden geadviseerd, zich slechts hebben beperkt tot het in ontvangstnemen der gelden van deze door de Combinatie van aardappelgrossiers alhier, verkochte partijen aardappelen, het betalen van vrachten en het verrekenen dezer gelden met Uw Centrale.
Het is mij niet bekend, dat de in Uw specificatie bedoelde aardappelen in zakken waren geborgen en dat deze in bruikleen werden gegeven; ook Uw finaal-facturen geven daaromtrent geen aanwijzingen. Vast staat echter, dat door mijn dienst geen zakken werden behouden.
Tot mijn spijt kan ik U derhalve geen nadere inlichtingen verstrekken aangaande de door de V.B.N.A. te 's-Gravenhage ingediende vordering, groot f 151,25.
De Directeur, * Inhoud: De brief is een reactie op een schrijven van de Nederlandsche Akkerbouwcentrale (NAC) over een openstaande vordering van 151,25 gulden van de V.B.N.A. De schrijver (een directeur van een niet nader genoemde dienst in Amsterdam) stelt dat zijn afdeling in mei 1940 enkel de financiële afwikkeling verzorgde voor de verkoop van aardappelen door lokale grossiers aan de Gemeente Amsterdam.
* Kernpunt van het geschil: Er is onduidelijkheid over het gebruik en de retournering van aardappelzakken die destijds in bruikleen zouden zijn gegeven. De afzender ontkent hiervan op de hoogte te zijn en stelt dat zijn administratie geen enkel bewijs bevat dat er zakken zijn achtergebleven of behouden.
* Terminologie:
* V.B.N.A.: Waarschijnlijk de Vereniging van Belanghebbenden bij de Nederlandsche Aardappelhandel.
* Mei 1940: De verwijzing naar deze specifieke maand suggereert dat de transacties plaatsvonden tijdens of vlak na de Duitse inval, wat de logistieke chaos en de latere administratieve onduidelijkheid verklaart.
* f 151,25: Het bedrag in Nederlandse guldens. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Akkerbouwcentrale (NAC) was een crisisorganisatie (opgericht in de jaren '30 en voortgezet/gecentraliseerd tijdens de bezetting) die de productie en distributie van landbouwproducten reguleerde.
De brief illustreert de bureaucratische nasleep van de turbulente meidagen van 1940. Bijna twee jaar na de feiten wordt er nog gecorrespondeerd over relatief kleine bedragen en logistieke materialen (zakken). Het toont aan hoe de voedselvoorziening in Amsterdam in de eerste oorlogsmaand werd georganiseerd via een "Combinatie van aardappelgrossiers" en hoe de administratieve verantwoording daarvan via centrale organen in Den Haag liep. De strikte toon en de verwijzing naar "finaal-facturen" duiden op een poging om dossierstukken uit een chaotische periode definitief af te sluiten.