Ambtelijke brief (waarschijnlijk een doorslag/kopie).
Origineel
Ambtelijke brief (waarschijnlijk een doorslag/kopie). 4 september 1942. De Directeur (van de Dienst van het Marktwezen). Den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen, te Amsterdam ("Alhier"). [Handgeschreven in rood, bovenin:] K. Müller (?)
[Handgeschreven in rood, diagonaal linksboven:] Verzonden 4/9
VB/HB.
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
2A/17/5 M. 4. 4 September 1942.
sneeuwruimen
Spoorwegen.
Onder terugzending van het met Uw kantbrief d.d. 18 Augustus
j.l. om advies ontvangen stuk No.251 L.M. 1942 en onder verwijzing
naar mijn brief d.d. 5 Mei j.l. No. 2A/17/1 M. heb ik de eer U,
ten aanzien van het rood omlijnde gedeelte van het onderhavige
stuk, te berichten, dat de werkzaamheden genoemd in de bij dien
brief behoorende bijlage onder " Werken voor particulieren( sneeuw-
ruimen Spoorwegen)", zijn verricht op de emplacementen der Spoor-
wegen, dus buiten de Centrale Markt. Derhalve dienen deze kosten
niet ten laste van den Dienst van het Marktwezen te worden gebracht
Ik geef U beleefd in overweging wel te willen bevorderen, dat
bedoelde kosten worden bestreden uit het bijzondere crediet No.465
d.d.12 December 1941.
De Directeur, In deze brief protesteert de directeur van de Dienst van het Marktwezen (vermoedelijk de Amsterdamse Centrale Markthallen) tegen het feit dat kosten voor het sneeuwruimen op spoorwegterreinen op zijn begroting worden gezet. Hij stelt dat deze werkzaamheden buiten zijn verantwoordelijkheidsgebied (de Centrale Markt) vielen en uitgevoerd werden op de "emplacementen der Spoorwegen". Hij adviseert de Wethouder voor de Levensmiddelen om de kosten te dekken uit een specifiek noodkrediet dat in december 1941 was ingesteld. De toon is uiterst formeel en ambtelijk, passend bij de bestuurlijke cultuur van die tijd. Het document is gedateerd op 4 september 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog. De winter van 1941-1942 was in Nederland extreem streng, met zware sneeuwval die het transport van levensmiddelen ernstig belemmerde. Het feit dat er in september 1942 nog steeds correspondentie werd gevoerd over de afwikkeling van deze kosten, toont aan hoe moeizaam de bureaucratische molens draaiden onder de bezetting. De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in die tijd een cruciale figuur, aangezien hij toezicht hield op de distributie en voedselvoorziening in een periode van groeiende tekorten. De term "L.M." in het referentienummer verwijst zeer waarschijnlijk naar de afdeling Levensmiddelenvoorziening.