Getypte officiële brief/memo.
Origineel
Getypte officiële brief/memo. 27 oktober 1942. De Directeur (vermoedelijk van een gemeentelijke dienst of voedselvoorzieningsinstantie). Mevr. Adm. der Afdeeling Algemeene Zaken, Raadhuis, Alhier (Amsterdam). VD/HG.
2A/31/1 M.
27 October 1942.
Mevr. Adm. der Afdeeling
Algemeene Zaken,
Raadhuis,
A l h i e r .
In aansluiting op ons telefonisch gesprek van heden-
morgen heb ik de eer U te verzoeken wel te willen bevorderen,
dat het pakhuis op de Prinsengracht no. , makelaar den heer
J.H. Breek, Noorderstraat 90, door den Burgemeester wordt ge-
vorderd voor den winteropslag van aardappelen.
Bedoeld pakhuis is oorspronkelijk als aardappel-
pakhuis gebouwd en in gebruik geweest; het is voor dit doel
zeer geschikt.
De heer Breek heeft aan de Vebena, welke het pak-
huis wilde huren, medegedeeld, dat hij voor het huren vele
gegadigden had en dat hij zijn beslissing 1 November a.s. zou
nemen.
Met het oog op de groote behoefte aan geschikte
opslaggelegenheid voor aardappelen is het niet gewenscht de
beslissing van den heer Breek af te wachten en het gevaar te
loopen, dat het pakhuis aan anderen zou worden verhuurd.
De Directeur, * Kern van de zaak: De schrijver verzoekt de afdeling Algemene Zaken om de burgemeester te laten overgaan tot de officiële vordering van een specifiek pakhuis aan de Prinsengracht.
* Argumentatie: Het gebouw is specifiek ontworpen voor aardappelopslag en is daarom uiterst geschikt. Er is een dringende noodzaak ("groote behoefte") aan dergelijke ruimte voor de komende winter.
* Urgentie: Er is haast bij geboden omdat de makelaar, J.H. Breek, van plan is op 1 november een besluit te nemen over de verhuur aan private partijen (er zijn "vele gegadigden"). Door te vorderen, wordt voorkomen dat de overheid naast de boot vist.
* Betrokken partijen: De "Vebena" (waarschijnlijk een vereniging of bureau voor de aardappelhandel) had al interesse getoond. De makelaar J.H. Breek fungeert als tussenpersoon voor de eigenaar. Dit document stamt uit oktober 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. In deze periode was de voedselvoorziening een kritieke kwestie. De overheid (vaak onder regie of toezicht van de bezetter) hield strakke controle op de distributie en opslag van basisvoedselmiddelen zoals aardappelen.
Het instrument van "vordering" (het opeisen van privaat bezit voor publiek of militair gebruik) werd in die jaren veelvuldig ingezet. De brief illustreert de bureaucratische werkwijze waarbij gemeentelijke diensten trachtten de logistieke infrastructuur veilig te stellen ten behoeve van de voedselvoorraad voor de winter. De vermelding van "Alhier" en de "Prinsengracht" duidt erop dat dit een Amsterdams archiefstuk is. De genoemde makelaar, J.H. Breek, was inderdaad een bekende makelaar in Amsterdam in die tijd.