Brief (doorslag van een officieel schrijven).
Origineel
Brief (doorslag van een officieel schrijven). 30 november 1942. De waarnemend Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Markten of een gerelateerde gemeentelijke instelling). Den Heer Hoofdcommissaris van Politie, Amsterdam. [Linksboven, handgeschreven:] 30/11
[Middenboven, handgeschreven:] Verzonden
[Rechtsboven:]
VD/HB.
den Heer Hoofdcommissaris van Politie,
Hoofdbureau van Politie,
Marnixstraat 260-264,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 6.
2a/33/2 M. [links] / 30 November 1942. [rechts]
/en [in de linkermarge]
Hiermede heb ik de eer U te berichten, dat ik het Gemeente-
bestuur heb voorgesteld aan te wijzen als tijdelijke hulpmarkt
van de Centrale Markt den Amstel vóór de perceelen Weesperzijde
110 - 136. Een ander houdt verband met den opslag van winteraar-
dappelen door de V.B.N.A. in de stad; ik neem aan, dat het Ge-
meentebestuur zich met mijn voorstel zal vereenigen; de V.B.N.A.
is in afwachting van deze beslissing reeds begonnen met het aan-
voeren der aardappelen aan de Weesperzijde.
In verband met het gevaar van diefstal verzoek ik U wel te
willen bevorderen, dat voor bewaking ter plaatse, voor zoover dat
mogelijk is, wordt zorggedragen.
De Directeur,
wnd. Dit document is een officiële correspondentie uit de koker van het Amsterdamse gemeenteapparaat gericht aan de politie. De kern van de brief is de mededeling dat er een locatie aan de Weesperzijde (tussen de nummers 110 en 136) is aangewezen als tijdelijke hulpmarkt voor de opslag van winteraardappelen.
Opvallend is de administratieve gang van zaken: de V.B.N.A. (Vereniging van Bedrijfsorganisaties voor de Nederlandse Aardappelhandel) is al begonnen met de aanvoer van de aardappelen nog voordat het officiële besluit van het Gemeentebestuur definitief is. De afzender anticipeert op goedkeuring. De belangrijkste actie die van de politie wordt gevraagd, is het regelen van bewaking ("ter plaatse"), ingegeven door de vrees voor diefstal. De datum, november 1942, plaatst dit document midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Voedselvoorziening was in deze periode een kritieke en streng gereguleerde aangelegenheid.
- Voedselschaarste: In de winter van 1942 was de schaarste aan basisbehoeften al goed voelbaar. Aardappelen waren het volksvoedsel bij uitstek. De angst voor diefstal, die expliciet in de brief wordt genoemd, weerspiegelt de groeiende wanhoop en honger onder de bevolking, waardoor grootschalige voorraden een doelwit werden.
- V.B.N.A.: Deze organisatie speelde een centrale rol in de distributieketen die door de bezetter en de Nederlandse overheid strikt werd gecontroleerd om de voedselvoorziening (en de export naar Duitsland) te reguleren.
- Logistiek: De keuze voor de Weesperzijde aan de Amstel was logisch; aardappelen werden vaak per schip aangevoerd. Door de kade als "hulpmarkt" aan te wijzen, kon men de Centrale Markt (tegenwoordig het Food Center aan de Jan van Galenstraat) ontlasten of de distributie in andere stadsdelen versnellen.
- Bestuur onder bezetting: Hoewel het een ambtelijke brief lijkt, vond dit alles plaats onder supervisie van de nationaalsocialistische burgemeester E.J. Voûte. De politie was in deze fase al verregaand geïnstrumentaliseerd door de bezetter, maar behield haar basistaken op het gebied van openbare orde en diefstalpreventie.