Archief 745
Inventaris 745-276
Pagina 297
Dossier 1
Jaar 1939
Stadsarchief

Ambtelijk memorandum/notitie op voorgedrukt formulier (Bijblad).

Origineel

Ambtelijk memorandum/notitie op voorgedrukt formulier (Bijblad). [Kader linksboven]
B I J B L A D V A N:
M. No. 25/108/1 193 9
DOORGEZONDEN: 29/6

[Midden boven]
L. Caransa
pl. 242 Alb. Cuypstr.

[Rechtsboven]
209
Hr. v. Moerkerken
advies
30-6-39
[Paraaf]

[Centrale tekst]
Tegen inwilliging van het ver-
zoek van L. Caransa, om gedurende zes
weken, slechts eenmaal per week zijn
plaats op de markt Alb. Cuypstraat in te
nemen, bestaat m.i. geen bezwaar.
(zie rapport Chef Marktopz.)

[Rechtsonder]
6-7-39
deBoer [handtekening/naam]

[Midden onder]
13/7 '39 [Paraaf]
5.

[Linksonder in rood]
25/108/2

[Onderrand, voorgedrukt]
Alg. Zaken Model No. 14
10.000-10-1937-1016 * Onderwerp: Het document betreft een verzoek van een markthandelaar, L. Caransa, om tijdelijk af te wijken van de normale aanwezigheidsplicht op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam.
* Inhoud: Caransa vraagt toestemming om gedurende een periode van zes weken slechts één dag per week zijn standplaats (nummer 242) in te nemen. De behandelend ambtenaar (mogelijk de heer De Boer) adviseert positief ("geen bezwaar"), waarbij verwezen wordt naar een onderliggend rapport van de Chef Marktopzicht.
* Administratieve loop:
* 29 juni: Ingekomen/doorgezonden.
* 30 juni: Verzoek om advies aan de heer Van Moerkerken.
* 6 juli: Formeel advies opgesteld.
* 13 juli: Afhandeling/registratie.
* Namen: L. Caransa is de verzoeker. De familie Caransa is historisch nauw verbonden met de Amsterdamse markthandel en het latere zakenleven. Dit document stamt uit de zomer van 1939, kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Het geeft een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten in die tijd. Marktkraamhouders hadden een exploitatieplicht; het niet bezetten van een plek kon leiden tot het verlies van de vergunning. Voor tijdelijke afwezigheid of beperkte bezetting was dus expliciete ambtelijke toestemming nodig. De Albert Cuypmarkt was destijds, net als nu, een van de belangrijkste economische centra voor kleine zelfstandigen in de stad.

Samenvatting

  • Onderwerp: Het document betreft een verzoek van een markthandelaar, L. Caransa, om tijdelijk af te wijken van de normale aanwezigheidsplicht op de Albert Cuypmarkt in Amsterdam.
  • Inhoud: Caransa vraagt toestemming om gedurende een periode van zes weken slechts één dag per week zijn standplaats (nummer 242) in te nemen. De behandelend ambtenaar (mogelijk de heer De Boer) adviseert positief ("geen bezwaar"), waarbij verwezen wordt naar een onderliggend rapport van de Chef Marktopzicht.
  • Administratieve loop:
    • 29 juni: Ingekomen/doorgezonden.
    • 30 juni: Verzoek om advies aan de heer Van Moerkerken.
    • 6 juli: Formeel advies opgesteld.
    • 13 juli: Afhandeling/registratie.
  • Namen: L. Caransa is de verzoeker. De familie Caransa is historisch nauw verbonden met de Amsterdamse markthandel en het latere zakenleven.

Historische Context

Dit document stamt uit de zomer van 1939, kort voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. Het geeft een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten in die tijd. Marktkraamhouders hadden een exploitatieplicht; het niet bezetten van een plek kon leiden tot het verlies van de vergunning. Voor tijdelijke afwezigheid of beperkte bezetting was dus expliciete ambtelijke toestemming nodig. De Albert Cuypmarkt was destijds, net als nu, een van de belangrijkste economische centra voor kleine zelfstandigen in de stad.

Gerelateerde Documenten 6