Ambtelijk advies / brief.
Origineel
Ambtelijk advies / brief. 3 juli 1939. Onbekend (ondertekend met onduidelijke signatuur, mogelijk een opzichter of adjunct-inspecteur). Advies op No 25/ws/1 M 39.
Den Heer Inspecteur
v/h Marktwezen
Alhier.
Naar aanleiding van bijgaand verzoek van L. Paransa, pl 242 AC, dient het volgende:
De heer Paransa is, volgens eigen mededeeling, op heden in loondienst, terwijl de mogelijkheid bestaat, dat hij in de toekomst deze betrekking kan blijven behouden.
Gezien de onzekerheid waarin hij thans verkeert is het begrijpelijk, dat hij voorloopig zijn vaste plaats wenscht te behouden.
De billijkheid brengt m.i. mede, dat de kleine faciliteit die hij verzoekt, nl. gedurende zes weken gedurende één maal per week zijn vaste plaats in te nemen, wordt ingewilligd, mits het marktgeld geregeld wordt betaald.
Amsterdam, 3 Juli 39
[Handtekening, mogelijk J.J. Modderman] Het document is een intern ambtelijk advies binnen de administratie van het Amsterdamse Marktwezen. De kern van het schrijven is een verzoek om coulance voor een marktkoopman genaamd L. Paransa.
Paransa heeft een vaste staanplaats (nummer 242, vak AC – waarschijnlijk de Albert Cuypmarkt gezien de code AC). Hij heeft echter tijdelijk werk gevonden in loondienst. Omdat hij niet zeker weet of dit werk blijvend is, wil hij zijn marktvergunning en vaste plek niet opgeven. Hij vraagt toestemming om de komende zes weken slechts één keer per week op de markt te verschijnen in plaats van de gebruikelijke verplichte dagen. De adviseur spreekt zijn steun uit voor dit verzoek op basis van "billijkheid" (redelijkheid), op voorwaarde dat de staangelden (het marktgeld) gewoon betaald worden. Dit document stamt uit juli 1939, een periode van grote economische en politieke spanning in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog. In die tijd was werkloosheid een groot probleem en probeerden velen door middel van ambulante handel (de markt) het hoofd boven water te houden.
Het feit dat Paransa werk in loondienst heeft gevonden maar de markt als "veiligheidsnet" wil aanhouden, is typerend voor de economische onzekerheid van de late jaren '30. De afdeling Marktwezen van de gemeente Amsterdam hanteerde strikte regels voor het bezetten van plaatsen; wie niet kwam opdagen, kon zijn vaste plek verliezen. Dit advies toont de menselijke maat binnen de bureaucratie, waarbij een ambtenaar pleit voor een tijdelijke uitzondering om de burger de kans te geven zijn maatschappelijke positie te verbeteren zonder al zijn zekerheden te verliezen.