Archief 745
Inventaris 745-277
Pagina 89
Dossier 90
Jaar 1939
Stadsarchief

Getypte brief (doorslag of officieel afschrift).

6 april 1939. Van: De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Aan: Mevr. B. Matteman-De Groot, 3e Oosterparkstraat 18, Amsterdam-Oost.

Origineel

Getypte brief (doorslag of officieel afschrift). 6 april 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst van het Marktwezen, Amsterdam). Mevr. B. Matteman-De Groot, 3e Oosterparkstraat 18, Amsterdam-Oost. 26/16/2 M. [handgeschreven: Verzonden 7/4] [handgeschreven: M. de Laer]

                                                    VP/G.

                                            6 April 1939.

                    Mevr. B. Matteman-De Groot,
                    3e Oosterparkstraat 18,
                    Amsterdam-Oost.
                                    Wyk 20.

      Naar aanleiding van Uw brief d.d. 21 Maart jl.

bericht ik U, dat het daarin vervatte verzoek niet voor in-
williging in aanmerking kan komen. Uw echtgenoot kan per-
soonlyk de hem toegewezen marktplaatsen bezetten, terwyl het
verschuldigde marktgeld regelmatig moet worden betaald. By
gebreke van een en ander zullen de U verleende plaatsen
worden ingetrokken, op grond van de desbetreffende bepalin-
gen van het Reglement op de Markten.

                                            De Directeur, De brief is een formele afwijzing van een verzoek dat Mevrouw Matteman-De Groot op 21 maart 1939 had ingediend. Hoewel de exacte inhoud van haar verzoek niet direct in de tekst staat, kan uit de weigering worden afgeleid waar het over ging: waarschijnlijk een verzoek tot vrijstelling van persoonlijke aanwezigheid of een regeling voor achterstallig marktgeld.

De directeur herinnert haar strikt aan de regels:
1. Persoonlijke bezetting: Haar echtgenoot moet de marktplaatsen persoonlijk bezetten.
2. Betalingsplicht: Het marktgeld moet regelmatig betaald worden.
3. Sanctie: Het intrekken van de vergunning (de plaatsen) op basis van het 'Reglement op de Markten'.

De toon is ambtelijk en onverbiddelijk, typerend voor de bureaucratie van die tijd. Deze brief dateert van april 1939, een periode van grote spanning in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

  • De geadresseerde: De naam Matteman-De Groot duidt op een Joodse familie in Amsterdam. Veel Joodse Amsterdammers waren werkzaam in de ambulante handel en op de markten (zoals de nabijgelegen Dappermarkt of de Waterloopleinmarkt).
  • Economische situatie: In 1939 was de economische positie van veel markthandelaren precair. De strikte handhaving van het marktgeld en de aanwezigheidsplicht was voor velen een zware last.
  • Locatie: De Derde Oosterparkstraat 18 lag in een buurt met een aanzienlijke Joodse populatie.
  • Historisch lot: Uit archieven (zoals het Joods Monument) blijkt dat de familie Matteman zwaar getroffen is tijdens de bezetting. Dit document illustreert de 'normale' ambtelijke beslommeringen en de strijd om het bestaan die aan de verschrikkingen van de oorlog voorafgingen. Het toont aan hoe Joodse burgers al vóór de bezetting te maken hadden met strikte regelgeving die hun economische speelruimte beperkte. B. Matteman M. de Laer Matteman (Mevrouw) Marktwezen

Samenvatting

De brief is een formele afwijzing van een verzoek dat Mevrouw Matteman-De Groot op 21 maart 1939 had ingediend. Hoewel de exacte inhoud van haar verzoek niet direct in de tekst staat, kan uit de weigering worden afgeleid waar het over ging: waarschijnlijk een verzoek tot vrijstelling van persoonlijke aanwezigheid of een regeling voor achterstallig marktgeld.

De directeur herinnert haar strikt aan de regels:
1. Persoonlijke bezetting: Haar echtgenoot moet de marktplaatsen persoonlijk bezetten.
2. Betalingsplicht: Het marktgeld moet regelmatig betaald worden.
3. Sanctie: Het intrekken van de vergunning (de plaatsen) op basis van het 'Reglement op de Markten'.

De toon is ambtelijk en onverbiddelijk, typerend voor de bureaucratie van die tijd.

Historische Context

Deze brief dateert van april 1939, een periode van grote spanning in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog.

  • De geadresseerde: De naam Matteman-De Groot duidt op een Joodse familie in Amsterdam. Veel Joodse Amsterdammers waren werkzaam in de ambulante handel en op de markten (zoals de nabijgelegen Dappermarkt of de Waterloopleinmarkt).
  • Economische situatie: In 1939 was de economische positie van veel markthandelaren precair. De strikte handhaving van het marktgeld en de aanwezigheidsplicht was voor velen een zware last.
  • Locatie: De Derde Oosterparkstraat 18 lag in een buurt met een aanzienlijke Joodse populatie.
  • Historisch lot: Uit archieven (zoals het Joods Monument) blijkt dat de familie Matteman zwaar getroffen is tijdens de bezetting. Dit document illustreert de 'normale' ambtelijke beslommeringen en de strijd om het bestaan die aan de verschrikkingen van de oorlog voorafgingen. Het toont aan hoe Joodse burgers al vóór de bezetting te maken hadden met strikte regelgeving die hun economische speelruimte beperkte.

Genoemde Personen 3

B. Matteman M. de Laer Matteman (Mevrouw)

Locaties

Dappermarkt Waterlooplein

Producten

A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Fruit): Peren A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Pan Kruidenier (Droog): Rijst Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Marktwezen