Archief 745
Inventaris 745-383
Pagina 74
Dossier 27
Jaar 1942
Stadsarchief

Ambtsbericht of intern verslag betreffende markttoezicht.

Origineel

Ambtsbericht of intern verslag betreffende markttoezicht. Alle [hierboven] genoemde kooplieden zijn dezerzijds gehoord, waarbij zij verklaren, dat zij wel degelijk met hun toewijzing op de betr. dagen op de Lindengracht zijn geweest, doch dat de marktambtenaar zou hebben verzuimd hen op te nemen.

Uit een door mij ingesteld onderzoek is gebleken, dat [doorgehaald: de door den] de door den marktambtenaar dagelijks bijgehouden administratie van den verkoop en de verdeeling niet voorkomen; hun bewering, dat zij met hun visch wel op de Lindengracht hebben verkocht, kan volgens den marktambtenaar niet kloppen, omdat Vrees St., Bosbaan St en J. , die op den 9 Juli een toewijzing hebben ontvangen, [toevoeging: van resp. 80, 80 en 40 pond] dan met hun 200 pond visch hadden moeten verkoopen, hetgeen stellig niet aan zijn aandacht zou zijn ontsnapt. Vast staat in ieder geval, dat zij zich, voordat zij met den verkoop mochten beginnen, bij den marktambtenaar hadden moeten melden, hetgeen zij, zooals zij zelf toegeven, niet hebben gedaan.

In bijlage dezes leg ik over een verklaring van een A. Pol. dd. 20 dezer, waaruit kan blijken, dat o.a. de beide kooplieden Bosbaan op 9 Juli hun toewijzing wel op de Lindengracht hebben verkocht. [doorgehaald: Het gestelde] De marktambtenaar betwist de juistheid van dit rapport en wijst erop, dat de agent geen enkele administratie bijhoudt, dus blijkbaar uit zijn hoofd weet, dat deze kooplieden zijn geweest. De mogelijkheid van een vergissing in den d.v.O. lijkt mij hierbij inderdaad niet uitgesloten! De [...] * Taalgebruik: Het document is geschreven in een zakelijke, ambtelijke stijl met de kenmerkende spelling van vóór de jaren '40 (bijv. "visch", "dagelijksch", "verdeeling").
* Kern van het conflict: Er is een tegenspraak tussen de officiële marktadministratie en de verklaringen van de kooplieden. De kooplieden (Vrees en Bosbaan) beweren aanwezig te zijn geweest met hun toegewezen hoeveelheid vis (totaal 200 pond), maar de marktambtenaar ontkent dit omdat hij hen niet genoteerd heeft.
* Bewijsvoering: De marktambtenaar voert aan dat een dergelijke grote hoeveelheid vis hem zeker zou zijn opgevallen. De rapporteur (waarschijnlijk een politie-inspecteur of toezichthouder) brengt hiertegen in dat de agent die de verklaring van de kooplieden ondersteunt (A. Pol.), mogelijk betrouwbaarder is, ook al werkt die agent uit het hoofd zonder eigen administratie.
* Procedurefout: De kooplieden hebben in elk geval verzuimd zich vooraf te melden, wat een overtreding van de marktregels is.
* Conclusie rapporteur: De schrijver van het document laat in de laatste zin ruimte voor een menselijke fout in het dagelijks verkoopoverzicht (d.v.O.) van de marktambtenaar. Dit document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten in de eerste helft van de 20e eeuw (mogelijk de periode rond de Eerste Wereldoorlog of de jaren '20, toen toewijzingen van schaarse goederen zoals vis streng werden gecontroleerd). De Lindengracht was een belangrijke marktlocatie in de Jordaan. Het document illustreert de frictie tussen de bureaucratische controle van de 'marktambtenaar' en de dagelijkse praktijk van de 'kleine' kooplieden, evenals de rol van de politie in het verifiëren van administratieve onregelmatigheden.

Samenvatting

  • Taalgebruik: Het document is geschreven in een zakelijke, ambtelijke stijl met de kenmerkende spelling van vóór de jaren '40 (bijv. "visch", "dagelijksch", "verdeeling").
  • Kern van het conflict: Er is een tegenspraak tussen de officiële marktadministratie en de verklaringen van de kooplieden. De kooplieden (Vrees en Bosbaan) beweren aanwezig te zijn geweest met hun toegewezen hoeveelheid vis (totaal 200 pond), maar de marktambtenaar ontkent dit omdat hij hen niet genoteerd heeft.
  • Bewijsvoering: De marktambtenaar voert aan dat een dergelijke grote hoeveelheid vis hem zeker zou zijn opgevallen. De rapporteur (waarschijnlijk een politie-inspecteur of toezichthouder) brengt hiertegen in dat de agent die de verklaring van de kooplieden ondersteunt (A. Pol.), mogelijk betrouwbaarder is, ook al werkt die agent uit het hoofd zonder eigen administratie.
  • Procedurefout: De kooplieden hebben in elk geval verzuimd zich vooraf te melden, wat een overtreding van de marktregels is.
  • Conclusie rapporteur: De schrijver van het document laat in de laatste zin ruimte voor een menselijke fout in het dagelijks verkoopoverzicht (d.v.O.) van de marktambtenaar.

Historische Context

Dit document biedt een inkijkje in de strikte regulering van de Amsterdamse markten in de eerste helft van de 20e eeuw (mogelijk de periode rond de Eerste Wereldoorlog of de jaren '20, toen toewijzingen van schaarse goederen zoals vis streng werden gecontroleerd). De Lindengracht was een belangrijke marktlocatie in de Jordaan. Het document illustreert de frictie tussen de bureaucratische controle van de 'marktambtenaar' en de dagelijkse praktijk van de 'kleine' kooplieden, evenals de rol van de politie in het verifiëren van administratieve onregelmatigheden.

Locaties

Amsterdam Lindengracht (markt).

Gerelateerde Documenten 6