Getypt afschrift van een brief.
Origineel
Getypt afschrift van een brief. 16 december 1942 (afschrift is gevoegd bij een brief van 24 december 1942). L.C. Brave, Anjeliersstraat 126 III, Amsterdam-C. De Wethouder voor de Levensmiddelen (via de Directeur van het Marktwezen). Behoort bij brief no.46a/321/143 c M.d.d. 24 December 1942
aan den Heer Wethouder voor de Levensmiddelen van den Di-
recteur van het Marktwezen.
HB. AFSCHRIFT.
Amsterdam, 16 December 1942.
Weledelen Kameraad,
In antwoord op Uw schrijven van 15 dezer, deel ik U
mede, dat het van mijn zijde een vergissing is geweest.
Daar ik geruimen tijd uit den handel ben weg geweest en wij
die mosselen altijd voor 11 cent hebben verkocht, ik ze
nu ook weer voor 11 cent verkocht, toen ik van den markt-
meester hoorde, dat ik 8 cent moest maken, kon ik niet meer
veranderen, anders zou het publiek me voor een bedrieger
aangezien hebben. De zoetwatervisch heeft mijn pleegvader
voor mij verkocht, aangezien ik nog geen schalen en ge-
wichten had, want mijn mosselen heb ik met een ulster en
een emmer gewogen. Daar ik mijn ontslag aangevraagd heb en
ik door een schorsing broodeloos zou worden, verzoek ik U
beleefd mij te willen pardonnneeren, daar ik er heusch
geen kwade bedoelingen mee voor heb gehad. Want dan zou ik
mijn beginselen, waarvoor mijn kameraden hun leven inzetten
verraden en dat doe ik nooit, daarvoor loop ik te lang mee,
zelf ben ik ook in het Oosten geweest, dus weet ik, dat ik
door prijsopdrijving of zwarten handel hen nooit in den
rug mag aanvallen. Hopende en vertrouwende, dat ik spoedig
een gunstig antwoord van U zou mogen ontvangen, teeken ik
met:
Hou- Zee,
w.g.L.C.Brave.
P.S.Het was mij niet om 2
inkomsten te doen.
afz.L.C.Brave,
Anjeliersstraat 126 III,
AMSTERDAM-C.
Voor eensluidend afschrift:
De Directeur van het Marktwezen, * Kern van het document: De brief is een verweerschrift van L.C. Brave tegen een beschuldiging van prijsopdrijving. Hij heeft mosselen verkocht voor 11 cent terwijl de maximumprijs 8 cent was. Hij voert onwetendheid en angst voor gezichtsverlies ("publiek me voor een bedrieger aangezien") aan als redenen.
* Ideologische signatuur: De schrijver hanteert expliciet nationaalsocialistisch taalgebruik. Hij spreekt de wethouder aan met "Weledelen Kameraad" en sluit af met de NSB-groet "Hou- Zee".
* Argumentatie: Brave probeert zijn onschuld te bewijzen door zijn handelen te toetsen aan de nationaalsocialistische moraal. Hij stelt dat prijsopdrijving en zwarte handel een "aanval in de rug" zouden zijn op zijn kameraden aan het front. Hij vermeldt specifiek dat hij "in het Oosten" (het Oostfront) is geweest, wat suggereert dat hij een teruggekeerde vrijwilliger is (bijvoorbeeld van de Waffen-SS of het Legioen).
* Persoonlijke omstandigheden: Hij meldt dat hij geen goede weegapparatuur had (hij gebruikte een "ulster", een veerbalans) en dat hij vreest voor zijn inkomen bij een eventuele schorsing. * Historische context: December 1942, Nederland is bezet door nazi-Duitsland. De schaarste aan goederen leidde tot een streng systeem van maximumprijzen en distributie. Toezicht hierop werd uitgevoerd door instanties als het Marktwezen en de Prijsbeheersing.
* Politieke context: In Amsterdam was de wethouder voor Levensmiddelen in die tijd P.H.W. de Jong, een NSB'er. Dit verklaart waarom de afzender de wethouder aanspreekt als "Kameraad". De afzender hoopt door zijn gedeelde politieke overtuiging en zijn militaire inzet aan het Oostfront op een mildere straf of seponering van de zaak.
* Locatie: De Anjeliersstraat bevindt zich in de Jordaan, een wijk waar in de oorlogsjaren zowel veel verzet als een aanzienlijke NSB-aanhang aanwezig was. C. Marktwezen NSB