Dienstbrief (getypt op briefpapier met gedrukt briefhoofd).
Origineel
Dienstbrief (getypt op briefpapier met gedrukt briefhoofd). 17 augustus 1942. Der Beauftragte voor de stad Amsterdam (onderdeel van het Reichskommissariaat voor de bezette Nederlandse gebieden). Marktwezen Amsterdam, Jan van Galenstraat 14, Amsterdam-W. [Briefhoofd met adelaar en hakenkruis]
DER REICHSKOMMISSAR
FÜR DIE BESETZTEN NIEDERLÄNDISCHEN GEBIETE
DER BEAUFTRAGTE
FÜR DIE STADT AMSTERDAM
AMSTERDAM, den 17. August 1942.
MUSEUMPLEIN 19
TEL. 97101
Ref. Wi.
An das
Marktwezen Amsterdam
Jan van Galenstraat 14
A m s t e r d a m - W.
============================
[Groot stempel in blauw/paars:] Nº 46 A/531/1 M. 1942 20/8
[Handgeschreven rechtsboven:] M.i. Di.
Betr.: Verzeichnis der im Bereich der Stadt Amsterdam konzessionierten Fischhändler.
Ich bitte um umgehende Zustellung einer Liste der im Bereich der Stadt Amsterdam konzessionierten Fischhändler mit gleichzeitiger Angabe der Handelsadressen.
Im Auftrag
[Handtekening:] A. Gombault
(A. Gombault)
Wirtschaftsreferent
[Handgeschreven marge links:]
groot-
of
klein-
handel ?
h. handeller [?],
opzenden
[Paraaf]
[Rechtsonder in blauw potlood:] 46 A. In deze brief verzoekt de 'Wirtschaftsreferent' (economisch adviseur) van de Duitse gemachtigde voor de stad Amsterdam aan de gemeentelijke dienst 'Marktwezen' om een lijst van alle vishandelaren in de stad die een vergunning (concessie) hebben. Het verzoek is specifiek: men wil niet alleen de namen, maar ook de handelsadressen weten, en wel "omgaand" (per direct).
De handgeschreven aantekeningen in de marge zijn van een Nederlandse ambtenaar van de marktwezen-administratie. Hij vraagt zich af of de Duitsers de lijst van de groot- of de kleinhandel bedoelen. Uiteindelijk staat er de instructie "opzenden", wat aangeeft dat aan het verzoek voldaan werd.
Dit document is een typisch voorbeeld van de wijze waarop de bezetter de bestaande Nederlandse bureaucratie gebruikte om grip te krijgen op de lokale economie en de voedselvoorziening. In augustus 1942 was de Duitse bezetting van Nederland ruim twee jaar onderweg. De 'Beauftragte' voor Amsterdam was Hans Böhmcker, die rechtstreeks onder Rijkscommissaris Seyss-Inquart viel. Het kantoor aan het Museumplein 19 was het zenuwcentrum van het Duitse bestuur over de stad.
De controle op de vishandel was in deze periode van groot belang vanwege de toenemende voedselschaarste en de noodzaak om distributiestromen te beheersen. Bovendien werden dergelijke lijsten door de bezetter vaak misbruikt om Joodse ondernemers te identificeren en uit het economische leven te stoten ("entjuden"). Vanaf 1941 waren er al diverse verordeningen van kracht die Joden verboden bepaalde beroepen uit te oefenen of bedrijven te bezitten. Het opvragen van dergelijke registers was een cruciale stap in de registratie en uiteindelijke onteigening of liquidatie van deze bedrijven. A. Gombault Marktwezen