Administratief bijblad / begeleidingsformulier (Alg. Zaken-Model No. 14).
Origineel
Administratief bijblad / begeleidingsformulier (Alg. Zaken-Model No. 14). 14 september 1942. [Gedrukte kader linksboven]
BIJBLAD VAN:
M. No. 46a/584/1 1942
DOORGEZONDEN: ................................
[Rechtsboven, handgeschreven]
23
[Midden, handgeschreven en onderstreept]
Spoed
[Midden, handgeschreven tekst]
Ih. Stam rapport
inzake schrijven
van Inex.
overzicht van aantal
K.G. e soort afgekeurde
vink.
[Onderaan, handgeschreven]
14-9-’42
A. Stam [handtekening]
[Linksonder, kleine druk]
Alg. Zaken-Model No. 14
14333-1000-7-’41-1727 Dit document is een begeleidend schrijven of een samenvatting van de inhoud van een dossierstuk, opgesteld op een standaardformulier van de algemene administratie ("Model No. 14"). De belangrijkste elementen zijn:
- Spoed: Het document had een hoge prioriteit binnen de administratieve stroom.
- Ih. Stam rapport: Waarschijnlijk een afkorting voor "Inhoud Stam-rapport". Een stamrapport is een basisregistratie of personeelsdossier, in dit geval waarschijnlijk van militaire aard.
- Inex: Mogelijk een afkorting voor een specifieke instantie, afdeling of een verwijzing naar "Ingekomen expeditie".
- K.G.: De gangbare afkorting voor Krijgsgevangenen.
- Onderwerp: De inhoud betreft een overzicht van het aantal en het soort "afgekeurde" krijgsgevangenen. In de context van 1942 kan dit duiden op krijgsgevangenen die vanwege medische of administratieve redenen werden vrijgesteld of afgevoerd.
- Vink: Een administratieve notitie dat het stuk is gezien of gecontroleerd. Het document dateert van 14 september 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De administratie met betrekking tot krijgsgevangenen (K.G.) was in deze periode uiterst complex. Na de Nederlandse capitulatie in 1940 werden veel militairen krijgsgevangen gemaakt; velen werden aanvankelijk vrijgelaten, maar later (vooral vanaf 1942/1943) weer opgeroepen voor hernieuwde krijgsgevangenschap.
De vermelding van "afgekeurde" K.G. suggereert een administratieve verwerking van militairen die ongeschikt waren voor (hernieuwde) krijgsgevangenschap of tewerkstelling. Het gebruik van officiële Nederlandse formulieren ("Alg. Zaken") wijst erop dat de vigerende Nederlandse bureaucratie onder toezicht van de bezetter werd ingezet voor deze registraties.