Zakelijke correspondentie (doorslag of kopie).
Origineel
Zakelijke correspondentie (doorslag of kopie). 15 september 1942. De Directeur (organisatie niet expliciet vermeld in briefhoofd, waarschijnlijk een regionale visserij-instantie). [Handgeschreven, linksboven:] Verzonden 15/9
[Rechtsboven:]
vB/HB.
den Heer Directeur der Nederlandsche
Visscherijcentrale,
2e Adelheidstraat 300,
Den Haag.
46A/588/2 M. [links] 15 September 1942. [rechts]
namen aanvoerders
garnalen.
In antwoord op Uw brief d.d. 9 September j.l. No.2653 D/M. bericht ik U, dat mij na onderzoek is gebleken, dat bedoeld wordt de aanvoerder: fa.J.Tuyp en Zn., Volendam, onder welke firma-naam U de opgaven in het vervolg zullen worden gezonden.
De andere door U bedoelde firma-naam luidt: M.A.Kolster, Den Helder.
De Directeur, * Onderwerp: De brief dient ter verduidelijking van de juiste tenaamstelling van twee garnalenaanvoerders (visserijbedrijven) voor de administratie.
* Genoemde bedrijven:
1. fa. J. Tuyp en Zn. gevestigd te Volendam.
2. M.A. Kolster gevestigd te Den Helder.
* Taalgebruik: Formeel en ambtelijk Nederlands ("bericht ik U", "d.d. 9 September j.l."). Opvallend is de zinsconstructie "onder welke firma-naam U de opgaven in het vervolg zullen worden gezonden", wat een contaminatie of typefout lijkt te zijn (waarschijnlijk bedoeld: "aan wie U...").
* Administratieve context: De referentie naar een eerdere brief van 9 september met nummer 2653 D/M duidt op een gestroomlijnde correspondentie tussen de Centrale en de lokale/regionale directie. Dit document stamt uit september 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. De Nederlandsche Visscherijcentrale (NVC) was een door de bezetter gecontroleerd orgaan dat de gehele Nederlandse visserijsector reguleerde.
Tijdens de oorlogsjaren was de visserij onderworpen aan strikte distributieregels, prijsbeheersing en vangstbeperkingen. Het nauwkeurig registreren van "aanvoerders" (de partijen die de vis aan land brachten en verkochten aan de centrale organen) was essentieel voor de voedselvoorziening en de economische controle door de bezettingsautoriteiten. De genoemde locaties, Volendam en Den Helder, waren (en zijn) belangrijke knooppunten in de Nederlandse visserij. De brief illustreert de bureaucratische precisie die nodig was om de visserij-administratie onder dit strakke regime draaiende te houden.