Archief 745
Inventaris 745-385
Pagina 403
Dossier 2A
Jaar 1942
Stadsarchief

Getypte verklaring op briefpapier, met handgeschreven kanttekeningen en stempels.

15 september 1942.

Origineel

Getypte verklaring op briefpapier, met handgeschreven kanttekeningen en stempels. 15 september 1942. [Stempel blauw:] 46ᵃ/b 29/1 M. 1942 [potlood:] 25/9

V E R K L A R I N G

Volendam 15/9-42
N veerman
Symen molstraat


M. H.

De ondergetekende verklaart dat den heer
A. C. BOEKELMAN wonende te Amsterdam, van af 1924 van hem heeft
Betrokken alle soorten soet en zout water visch.
Teves vrklaar ik dat deze partyen soms heel belangryk waaren

HOOGA.

[Handtekening:] N. Veerman [handgeschreven:] ges. visch

[Handgeschreven aantekeningen links:]
opgev.
voor
ges. visch
opb
[Symbool, mogelijk een gestileerde 'D' of 'B'] * Taal en spelling: Het document is opgesteld in het Nederlands met enkele opvallende (soms archaïsche of foutieve) spellingen zoals "soet" (zoet), "vrklaar" (verklaar), "belangryk" (belangrijk) en "partyen" (partijen). "HOOGA." is de afkorting voor "Hoogachtend".
* Inhoud: Nicolaas Veerman uit Volendam getuigt dat Abraham C. Boekelman uit Amsterdam al sinds 1924 op grote schaal vis bij hem inkoopt. De verklaring benadrukt de omvang van de handel ("heel belangryk").
* Handgeschreven toevoegingen: De tekst "ges. visch" (gezouten vis) is later toegevoegd, mogelijk door een administrateur. De aantekeningen aan de linkerzijde ("opgev. voor ges. visch opb") lijken administratieve verwerkingsnotities, waarbij 'opgev.' waarschijnlijk staat voor 'opgegeven' en 'opb' voor 'opbrengst'.
* Status: Het document heeft het karakter van een bewijsstuk in een administratief dossier, gezien de formele stempels en referentienummers bovenaan. Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting (september 1942). De familie Boekelman was een bekende Joodse familie in de Amsterdamse handelswereld. Gezien de datum is het zeer waarschijnlijk dat deze verklaring werd opgesteld in het kader van de anti-Joodse maatregelen. Joodse ondernemers moesten hun handelsrelaties en inkomstenbronnen verantwoorden aan instanties zoals de Wirtschaftsprüfstelle of de Liro-bank (Lippmann, Rosenthal & Co.).

Een dergelijke verklaring van een niet-Joodse leverancier (Veerman) kon dienen als bewijs voor de legitimiteit of de historische omvang van een bedrijf, mogelijk om een 'Sperre' (vrijstelling van deportatie) te verkrijgen op grond van economisch belang, of om vorderingen in een later stadium van 'arisering' te onderbouwen. Na de oorlog werden dit soort documenten vaak gebruikt door het Nederlands Beheersinstituut (NBI) voor rechtsherstel of om de bedrijfsvoering tijdens de oorlog te reconstrueren. De aanwezigheid van de archiefnummers wijst op opname in een groter naoorlogs onderzoeks- of restitutiedossier. N. Veerman (ondergetekende gevestigd aan de Symen Molstraat te Volendam) en A.C. Boekelman (woonachtig te Amsterdam).

Samenvatting

  • Taal en spelling: Het document is opgesteld in het Nederlands met enkele opvallende (soms archaïsche of foutieve) spellingen zoals "soet" (zoet), "vrklaar" (verklaar), "belangryk" (belangrijk) en "partyen" (partijen). "HOOGA." is de afkorting voor "Hoogachtend".
  • Inhoud: Nicolaas Veerman uit Volendam getuigt dat Abraham C. Boekelman uit Amsterdam al sinds 1924 op grote schaal vis bij hem inkoopt. De verklaring benadrukt de omvang van de handel ("heel belangryk").
  • Handgeschreven toevoegingen: De tekst "ges. visch" (gezouten vis) is later toegevoegd, mogelijk door een administrateur. De aantekeningen aan de linkerzijde ("opgev. voor ges. visch opb") lijken administratieve verwerkingsnotities, waarbij 'opgev.' waarschijnlijk staat voor 'opgegeven' en 'opb' voor 'opbrengst'.
  • Status: Het document heeft het karakter van een bewijsstuk in een administratief dossier, gezien de formele stempels en referentienummers bovenaan.

Historische Context

Dit document stamt uit de periode van de Duitse bezetting (september 1942). De familie Boekelman was een bekende Joodse familie in de Amsterdamse handelswereld. Gezien de datum is het zeer waarschijnlijk dat deze verklaring werd opgesteld in het kader van de anti-Joodse maatregelen. Joodse ondernemers moesten hun handelsrelaties en inkomstenbronnen verantwoorden aan instanties zoals de Wirtschaftsprüfstelle of de Liro-bank (Lippmann, Rosenthal & Co.).

Een dergelijke verklaring van een niet-Joodse leverancier (Veerman) kon dienen als bewijs voor de legitimiteit of de historische omvang van een bedrijf, mogelijk om een 'Sperre' (vrijstelling van deportatie) te verkrijgen op grond van economisch belang, of om vorderingen in een later stadium van 'arisering' te onderbouwen. Na de oorlog werden dit soort documenten vaak gebruikt door het Nederlands Beheersinstituut (NBI) voor rechtsherstel of om de bedrijfsvoering tijdens de oorlog te reconstrueren. De aanwezigheid van de archiefnummers wijst op opname in een groter naoorlogs onderzoeks- of restitutiedossier.

Genoemde Personen 1

Locaties

Volendam.

Kooplieden in dit dossier 2

A. Cuypstraat Waterlooplein 14.067
T. Katestraat Waterlooplein 7.554