Handgeschreven verzoekbrief met ambtelijke kanttekeningen.
Origineel
Handgeschreven verzoekbrief met ambtelijke kanttekeningen. G. Gooijer, Admiralengracht 146, Amsterdam (W). [Linksboven:]
G. Gooijer.
Admiralengracht 146
A’dam (W.)
[In rood potlood:] 460/805/1
[Rechtsboven:]
A’dam, 26 Sept. 1942.
[Midden:]
Mijne Heeren.
Hiermede verzoek ik U mij een toewijzing voor mosselen te verleenen.
Hoogachtend,
G. Gooijer
[Ambtelijke aantekeningen linkerzijde:]
vervoersbewijs
serie 8 n. 157
voor alle soorten visch.
[Blauw stempel:]
12 OCT. 1942
[Ambtelijke aantekeningen diagonaal en onderzijde:]
bezet bij ons [onleesbaar, mogelijk 'bewijs']
[Paraaf]
oproepen
23-10-’42
detaer.
afgewezen.
heeft vorig jaar ook
mosselen gehad
[Paraaf]
onger [?]
per 26/10 ’42
opbergen 26-10-’42
[Paraaf]
[Berekeningen onderaan:]
- 19 / 1
- 13 / 3 /
= 11 /
55 / 51 / 10. / 3 / 9 Het document is een illustratief voorbeeld van de bureaucratie rondom de voedselvoorziening in Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog (1942). De burger G. Gooijer vraagt formeel om een "toewijzing" voor mosselen. In deze periode was voedsel schaars en werden extra producten buiten het reguliere bonnenstelsel om vaak via specifieke aanvragen verdeeld.
Uit de ambtelijke aantekeningen blijkt dat de aanvraag grondig is getoetst. Er wordt genoteerd dat de aanvrager reeds in het bezit is van een vervoersbewijs voor vis (serie 8 n. 157). De uiteindelijke beslissing is echter negatief: de aanvraag wordt "afgewezen". De reden hiervoor is opmerkelijk specifiek: de aanvrager heeft het voorgaande jaar (1941) ook al mosselen toegewezen gekregen. Dit duidt op een streng rechtvaardigheidsbeginsel of een roulatiesysteem waarbij getracht werd schaarse goederen over zoveel mogelijk verschillende huishoudens te spreiden. In 1942 was de schaarste in bezet Nederland al aanzienlijk. Mosselen werden door de autoriteiten gepromoot als vervanger voor vlees en andere vissoorten die naar Duitsland werden geëxporteerd of door de Wehrmacht werden gevorderd. De distributie van mosselen werd strikt gereguleerd via plaatselijke distributiekantoren. De Admiralengracht in Amsterdam-West, waar de afzender woonde, was een dichtbevolkte volksbuurt waar de noodzaak voor extra voedseltoewijzingen groot was. De ambtelijke verwerkingstijd van de brief (ongeveer een maand van schrijven tot opbergen) laat zien hoe traag het bureaucratische proces voor zelfs kleine voedselverzoeken verliep. G. Gooijer Wehrmacht