Brief / Verzoekschrift
Origineel
Brief / Verzoekschrift 10 november 1942 J. J. Tak № 467/068/1 M. 1942 13/11
m. hup (341)
Amsterdam 10-11-42
Mijnheer in verband dat ik verplicht
was om in Duitsland te gaan werken en ik zoduende
de handel moest verlaten en ik nu wegens ge-
zondheids reden ben afgekeurd in dit verband
verzoek ik u beleefd om in aanmerking te
mogen komen voor een toewijzing van vis en
garnalen enzovoort, de personen waar van ik mijn
vis heb betrokken zijn M Bonnier J Jansen
Snoek K Veerman C Rouseman P mooijer
G Goedhart. in afwachting Hoog achtend
J. J. Tak
Nieuwe Houttuinen 103 I Centrum
[Aantekeningen onderaan:]
~~Afgewezen~~ [doorgestreept]
Bewaren tot april 1943
afw.
467 De brief is geschreven door J. J. Tak, een Amsterdamse vishandelaar. De schrijver verzoekt om een toewijzing van vis en garnalen om zijn handel te kunnen hervatten. Hij legt uit dat hij zijn bedrijf eerder moest staken omdat hij verplicht werd gesteld voor de Arbeitseinsatz (tewerkstelling in Duitsland), maar dat hij inmiddels op medische gronden is afgekeurd. Om aan te tonen dat hij een gevestigde handelaar is, somt hij zijn vaste leveranciers op (Bonnier, Jansen, Snoek, Veerman, Rouseman, Mooijer en Goedhart). De ambtelijke krabbels duiden op een proces van afwijzing ("afw.") en een besluit om het dossier tot april 1943 te bewaren. Dit document biedt een inkijkje in de bureaucratische realiteit van bezet Nederland in 1942. Ten eerste illustreert het de impact van de Arbeitseinsatz: burgers werden uit hun dagelijkse economische activiteiten gerukt om de Duitse oorlogsindustrie te ondersteunen. Ten tweede toont het de strikte distributie van schaarse goederen zoals vis; zonder officiële toewijzing kon een handelaar niet legaal opereren. De locatie, Nieuwe Houttuinen, bevond zich in de oude Amsterdamse Jodenbuurt (Uilenburg), een wijk die in 1942 reeds zwaar getekend was door de maatregelen van de bezetter. De brief toont de pogingen van een kleine zelfstandige om binnen het systeem zijn bestaan weer op te bouwen na een periode van gedwongen afwezigheid.