Archief 745
Inventaris 745-387
Pagina 96
Dossier 109
Jaar 1942
Stadsarchief

Zakelijke handgeschreven brief / correspondentie.

18 november 1942. Van: Jac. Stam. Aan: WelEdelHeer A. H. de Waer.

Origineel

Zakelijke handgeschreven brief / correspondentie. 18 november 1942. Jac. Stam. WelEdelHeer A. H. de Waer. WelEdHeer
A. H. de Waer

Hierbij ontvangt u een
brief van W Roskam jun., Zwartsluis.
Wij hebben ontvangen 17 manden
visch en 2 kisten aal. Dit klopte
precies met de vrachtbrief
maar de inhoud liet veel te
wenschen over. Er is precies uit-
gewogen. snoek 305 # à 0.41
brasem 817 # à 0.32
blei 341 # à 0.20
baars 107 # à 0.25
zeelt 20 # à 0.37
aal 160 # à 0.41

Wij had te kort 109 # blei à 0.20 en
25 # snoek à 0.41 = Het is wel wat veel
maar wij hebben beslist niet meer
ontvangen. De nota’s van Roskam
komen wel meer niet goed uit.
Ik denk dat het abuis wel bij
Roskam zelf zit. Ook ontvang ik
vaak manden visch die stuk aan-
komen. Bij de spoorwegen wordt
ook veel gestolen.

Hoogachtend
Jac Stam

v Beuren
kortweg

18-11-42 De brief is een zakelijke klacht van Jac. Stam over een levering van zoetwatervis. De kern van het probleem is een aanzienlijk gewichtsverschil: hoewel de vrachtbrief en het aantal colli (17 manden en 2 kisten) uiterlijk overeenstemmen, blijkt er bij nameting een groot tekort te zijn in de feitelijke inhoud. Specifiek wordt er 109 pond blei en 25 pond snoek gemist.

Stam voert drie mogelijke oorzaken aan voor dit tekort:
1. Fouten bij de leverancier: Hij insinueert dat de administratie of het inpakken bij W. Roskam in Zwartsluis vaker fout gaat ("komen wel meer niet goed uit").
2. Slechte verpakking: Hij merkt op dat manden vaak kapot aankomen.
3. Diefstal: Hij noemt expliciet dat er bij de spoorwegen veel gestolen wordt.

Het gebruik van het pondteken (#) en de prijzen per pond (bijv. à 0.41 gulden voor snoek en aal) geeft een gedetailleerd beeld van de toenmalige visprijzen en de gebruikte eenheden in de groothandel. De datum van de brief, 18 november 1942, plaatst het document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening strikt gereguleerd en was er sprake van toenemende schaarste. De opmerking over diefstal bij de spoorwegen is zeer typerend voor deze tijd; goederentransporten waren kwetsbaar en diefstal uit treinen kwam op grote schaal voor vanwege de honger en de lucratieve zwarte markt.

De vissoorten die worden genoemd (snoek, brasem, blei, baars, zeelt en aal) zijn typische Nederlandse rivier- en poldervissen. Zwartsluis was destijds een belangrijk knooppunt voor de binnenvisserij. De brief biedt zodoende een inkijkje in de dagelijkse strubbelingen van de handel onder oorlogsomstandigheden, waarbij wantrouwen tussen handelspartners en logistieke onveiligheid de boventoon voerden.

Samenvatting

De brief is een zakelijke klacht van Jac. Stam over een levering van zoetwatervis. De kern van het probleem is een aanzienlijk gewichtsverschil: hoewel de vrachtbrief en het aantal colli (17 manden en 2 kisten) uiterlijk overeenstemmen, blijkt er bij nameting een groot tekort te zijn in de feitelijke inhoud. Specifiek wordt er 109 pond blei en 25 pond snoek gemist.

Stam voert drie mogelijke oorzaken aan voor dit tekort:
1. Fouten bij de leverancier: Hij insinueert dat de administratie of het inpakken bij W. Roskam in Zwartsluis vaker fout gaat ("komen wel meer niet goed uit").
2. Slechte verpakking: Hij merkt op dat manden vaak kapot aankomen.
3. Diefstal: Hij noemt expliciet dat er bij de spoorwegen veel gestolen wordt.

Het gebruik van het pondteken (#) en de prijzen per pond (bijv. à 0.41 gulden voor snoek en aal) geeft een gedetailleerd beeld van de toenmalige visprijzen en de gebruikte eenheden in de groothandel.

Historische Context

De datum van de brief, 18 november 1942, plaatst het document midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de voedselvoorziening strikt gereguleerd en was er sprake van toenemende schaarste. De opmerking over diefstal bij de spoorwegen is zeer typerend voor deze tijd; goederentransporten waren kwetsbaar en diefstal uit treinen kwam op grote schaal voor vanwege de honger en de lucratieve zwarte markt.

De vissoorten die worden genoemd (snoek, brasem, blei, baars, zeelt en aal) zijn typische Nederlandse rivier- en poldervissen. Zwartsluis was destijds een belangrijk knooppunt voor de binnenvisserij. De brief biedt zodoende een inkijkje in de dagelijkse strubbelingen van de handel onder oorlogsomstandigheden, waarbij wantrouwen tussen handelspartners en logistieke onveiligheid de boventoon voerden.

Kooplieden in dit dossier 80

A. Cuypstraat 117 b. = 11700 p
76 jaar) 110
Dunne spruiten
Gestripte kabeljauw
Gestripte wijting
Groote schelvisch 50 cm en grooter
Groote schol 50 cm en grooter
Groote tong 37 cm en grooter 0,98
M. Sicma 0,98
Haring en tooters
H.L. --- 4
Kabeljauw 72 cm en grooter
M. Sicma 0,43
M. Sicma 0,83
Alle 80 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2