Archief 745
Inventaris 745-387
Pagina 246
Dossier 106
Jaar 1942
Stadsarchief

Rapport / Verslag betreffende een kastekort.

6 januari 1943.

Origineel

Rapport / Verslag betreffende een kastekort. 6 januari 1943. Rapport.

Op 23 Dec: 1942 nam ik de kas over van den Kasier den Heer
Jongbloed. In de geldkast waarin het bankpapier wordt bewaard lagen o.a. eenige
pakken met tientjes waarvan ieder pak inhield ƒ 1000.= en waarvan elk afzonderlijk was
gebanderolleerd met het paraaf van den desbetreffenden ambtenaar.
Bij het overnemen is het de gewoonte elk pak gebanderolleerd bankpapier, van
welke waarde ook, te controleeren en hoewel de Hr Jongbloed met zekerheid weet te
zeggen dat dit ook is geschied bij de overname op 23 Dec j.l., weet ik het mij echter niet
te herinneren, hoewel ik direct moet toegeven dat niet natellen van het bankpapier
tegen de bestaande gewoonte in zou zijn.
Op 5 Januari j.l. wou ik ƒ 2000.= op de Giro storten op rekening No 79 en
gaf den Hr K. Marinus, die hiermede door mij werd belast, twee pakken, ieder
inhoudende ƒ 1000. volgens de banderolle, waarvan 1 pak was geparafeerd door
den Hr J. Pieter en 1 pak door den Hr R. Cobussen.
Direct na ontvangst van het geld ging de Hr Marinus dit natellen in
eene kamer grenzende aan het kantoor, echter in tegenwoordigheid van meerdere
ambtenaren en constateerde dat in het pak geparafeerd door den Hr Cobussen
slechts 99 van ƒ 10. dus ƒ 990.- aanwezig was. Bij natelling door mij en den
Hr Cobussen bleek dit helaas juist te zijn.
Hoe of op wat voor wijze dit pak slechts 99 stuks en niet 100.- bankbiljetten
van ƒ 10. bevatte, is voor mij onverklaarbaar.
Bij de overname op 23 Dec: j.l. waren, volgens de aanteekening in het
Kladkasboekje, drie pakken van 100 stuks aanwezig. In het tijdvak van
23 Dec '42 t/m 5 Jan '43 heb ik voor het doen van uitbetalingen een of meerdere
pakken moeten aanbreken, doch deze zijn wederom aangevuld, zoodat ik op 5 Jan j.l.
bij de overdracht van mijn kas hierbij 2 pakken van ƒ 1000. aan tientjes overdroeg,
zoodat niet is te constateeren of het pak waaraan nu ƒ 10.= ontbrak reeds bij de
Kasovername op 23 Dec: j.l. aanwezig was of niet.
Sinds korten tijd worden de banderoller ook gedateerd.

Amsterdam, 6 Januari 1943
(w.g.) Fleurbaay

[Kanttekening onderaan:]
Waarom ook niet direct
bij afgifte aan hr. Marinus
in zijn bijzijn. Dit is voor
mij een hoogst onbegrijpe-
lijke gang van zaken.
Bovendien doet zeer onbe-
vredigend aan, dat er gespro-
ken wordt of over het aan-
breken van een of meer pak-
ken. Weet men dat niet?
Voorts is het onbegrijpelijk,
dat men niet weet zeker hoeveel
het kas ergens wat men bij
overdracht overdraagt. Het document is een formeel rapport over de ontdekking van een kastekort van 10 gulden (één bankbiljet van een 'tientje'). De kern van het probleem is dat er een breuk in de controleketen is ontstaan.

  1. Procedurefout bij overname: Bij de kasovername op 23 december 1942 heeft de opsteller (Fleurbaay) de gebanderolleerde pakken geld niet nageteld, wat wel de gewoonte was.
  2. Ontdekking: Op 5 januari 1943 bleek een pakket van 1000 gulden (geparafeerd door Cobussen) slechts 990 gulden te bevatten.
  3. Onduidelijkheid: Omdat de opsteller tussen 23 december en 5 januari zelf pakken heeft aangebroken en weer heeft aangevuld ("aangevuld"), is niet meer te herleiden of de fout al bestond bij de eerste overdracht of later is ontstaan.

De handgeschreven opmerking onderaan (vermoedelijk van een superieur of revisor) is scherp van toon. De schrijver hiervan uit zijn onbegrip over het gebrek aan directe controle bij overdracht en de vage administratie omtrent het aanbreken van pakken geld. Dit document stamt uit januari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de politieke context niet direct in de tekst naar voren komt, weerspiegelt het document de strikte bureaucratische en administratieve discipline van die tijd. In een periode van schaarste en inflatie was een tekort van 10 gulden (toen een aanzienlijk bedrag, vergelijkbaar met de koopkracht van circa 70-80 euro nu) een serieuze zaak die een formeel rapport en intern onderzoek rechtvaardigde. De vermelding van stortingen op de "Giro" (Postcheque- en Girodienst) duidt op een overheidsinstantie of een groot zakelijk kantoor. J. Pieter Jongbloed (De heer) K. Marinus R. Cobussen

Samenvatting

Het document is een formeel rapport over de ontdekking van een kastekort van 10 gulden (één bankbiljet van een 'tientje'). De kern van het probleem is dat er een breuk in de controleketen is ontstaan.

  1. Procedurefout bij overname: Bij de kasovername op 23 december 1942 heeft de opsteller (Fleurbaay) de gebanderolleerde pakken geld niet nageteld, wat wel de gewoonte was.
  2. Ontdekking: Op 5 januari 1943 bleek een pakket van 1000 gulden (geparafeerd door Cobussen) slechts 990 gulden te bevatten.
  3. Onduidelijkheid: Omdat de opsteller tussen 23 december en 5 januari zelf pakken heeft aangebroken en weer heeft aangevuld ("aangevuld"), is niet meer te herleiden of de fout al bestond bij de eerste overdracht of later is ontstaan.

De handgeschreven opmerking onderaan (vermoedelijk van een superieur of revisor) is scherp van toon. De schrijver hiervan uit zijn onbegrip over het gebrek aan directe controle bij overdracht en de vage administratie omtrent het aanbreken van pakken geld.

Historische Context

Dit document stamt uit januari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. Hoewel de politieke context niet direct in de tekst naar voren komt, weerspiegelt het document de strikte bureaucratische en administratieve discipline van die tijd. In een periode van schaarste en inflatie was een tekort van 10 gulden (toen een aanzienlijk bedrag, vergelijkbaar met de koopkracht van circa 70-80 euro nu) een serieuze zaak die een formeel rapport en intern onderzoek rechtvaardigde. De vermelding van stortingen op de "Giro" (Postcheque- en Girodienst) duidt op een overheidsinstantie of een groot zakelijk kantoor.

Genoemde Personen 4

J. Pieter Jongbloed (De heer) K. Marinus R. Cobussen

Locaties

Amsterdam.

Producten

A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Kruidenier (Droog): Meel Textiel & Kleding: Band Textiel & Kleding: Kleding Textiel & Kleding: Stof Textiel & Kleding: Textiel Vis & Zee: Vis

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Kooplieden in dit dossier 80

A. Cuypstraat 117 b. = 11700 p
76 jaar) 110
Dunne spruiten
Gestripte kabeljauw
Gestripte wijting
Groote schelvisch 50 cm en grooter
Groote schol 50 cm en grooter
Groote tong 37 cm en grooter 0,98
M. Sicma 0,98
Haring en tooters
H.L. --- 4
Kabeljauw 72 cm en grooter
M. Sicma 0,43
M. Sicma 0,83
Alle 80 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2