Afschrift van een brief met bijlage.
Origineel
Afschrift van een brief met bijlage. 26 oktober 1942 (begeleidende brief) en 21 oktober 1942 (bijgevoegd schrijven). A.J.L. Schindeler, 2e Hugo de Grootstraat No. 66 III, Amsterdam (W). Wethouder van Levensmiddelenvoorziening van Amsterdam. [Linkerbovenhoek:]
46b/2/4 M.
~~No. XXXXXXXXXX L.M.1942 2/11.~~
~~No. 941 L.M. 1942 29/10. x~~
46b/ No. 941 L.M. 1942 29/10.
A.J.L. Schindeler,
2e Hugo de Grootstraat No. 66 III,
AMSTERDAM (W).
[Midden boven:]
AFSCHRIFT.
[Rechts boven:]
AMSTERDAM, 26 October 1942.
Wethouder van Levensmiddelenvoorziening
van AMSTERDAM.
Edelachtbare Heer,
Hiermede ben ik voor vrij U ingesloten, een door mij aan de Commissie tot Vischverdeeling gericht schrijven te overhandigen; ik ben niet in staat te beoordeelen in hoeverre Uw mogelijke bemoeiingen in deze zullen zijn, was echter van meening, dat U bij eventueele verabderingen [sic] zeker de uiteindelijke beschikkingen zult moeten treffen en achtte het daarom juister U van te voren, copie van vermeld schrijven te zenden.
Hoogachtend,
w.g. A.J.L. Schindeler.
AMSTERDAM, 21 October 1942.
Heeren Leden van de Commissie tot Vischverdeeling,
te
AMSTERDAM.
Mijne Heeren,
Ondergeteekenden, vischwinkeliers en halhouders, benevens standplaatshouders, wenden zich middels dezen tot Uw commissie met het doel te trachten aan een h.i. niet juiste en onrechtvaardige toestand, verbetering, zoo mogelijk een einde te maken.
Zooals U ongetwijfeld bekend zal zijn bestond speciaal in den vischhandel een vrij groote groep van kooplieden die niet als uitgesproken vischhandelaren konden worden betiteld, doch die periodiek in visch, groenten, fruit etc deden; deze beunhazers hebben zich bijna zonder uitzondering toen zij voor de keus gesteld werden op den vischhandel geworpen. met het gevolg, dat diegenen, die zich tot dusverre uitsluitend met den vischhandel bezig hielden, bij de ontworpen regeling in een zeer ongunstige positie zagen geplaatst. Met het oog op de ancienniteit en geinvesteerde bedragen achten wij een onderverdeeling der vischverkoopers in drie groepen niet alleen gewenscht, maar zelfs noodzakelijk; deze groepen zouden wij gaarne als volgt zien ingedeeld:
1e. winkeliers en halhouders.
(Deze menschen hebben minstens te voldoen aan vaste... [einde pagina] In dit document beklaagt A.J.L. Schindeler zich, namens een groep gevestigde vischverkopers, bij de Amsterdamse Wethouder van Levensmiddelenvoorziening. De kern van de klacht betreft de nieuwe distributieregeling voor vis. Volgens de briefschrijver worden professionele visboeren (winkeliers en standplaatshouders) benadeeld door "beunhazers": handelaren die voorheen in diverse producten deden (groenten, fruit), maar door de oorlogsomstandigheden en distributieregels massaal op de vishandel zijn overgestapt.
De schrijvers pleiten voor een hiërarchie in de visverdeling gebaseerd op "anciënniteit" (ervaring/dienstjaren) en gedane investeringen. Ze stellen een indeling in drie groepen voor om de vakkundige handelaren te beschermen tegen de gelijke behandeling van gelukszoekers of gelegenheidshandelaren. Het document dateert uit oktober 1942, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De schaarste aan voedsel nam in deze periode hand over hand toe, waardoor de distributie van levensmiddelen strikt gereguleerd werd door de overheid (de "Levensmiddelenvoorziening").
Vis was een cruciaal onderdeel van het dieet omdat ander vlees steeds schaarser werd. De "Commissie tot Vischverdeeling" had de taak om de beperkte aanvoer eerlijk te verdelen over de handelaren. Het conflict dat hier geschetst wordt, is typerend voor de oorlogseconomie: door de rantsoenering en het wegvallen van andere handelsproducten probeerden veel kleine ondernemers te overleven door over te stappen op sectoren waar nog handel in mogelijk was. Dit leidde tot grote frictie met de vakmensen die al generaties lang in die specifieke branche werkzaam waren.