Archief 745
Inventaris 745-387
Pagina 295
Dossier 100
Jaar 1942
Stadsarchief

Handgeschreven nota/verslag van een bespreking over de visdistributie.

5 november 1942

Origineel

Handgeschreven nota/verslag van een bespreking over de visdistributie. 5 november 1942 Verdeelingsplan. 5/11 1942
~~brief~~ Schoute.
v Lasten kleintjes halveeren
+ sliph en rest op 1 laten staan
Böhne 1. radicaal: kleintjes geheel
uitschakelen.
2. voorstel Insp. geen fijne
visch; daarvoor in de plaats
grove visch geven -
Lammers naar mate de aanvoer is
Tongerij extra geven i.p.v.
fijne visch. dus fijne
visch aanvullen met grove
visch i.v.m. kosten vraagstuk
te dekken.
Rienstra ondersteunt voorstel de Haas.
winkelier met al zijn groote kosten
mag toch wel minstens zooveel
inkomen hebben als een straat-
handelaar.
V proef 2 maanden mijn voorstel.
individueel aantal menschen, die
teveel krijgen, doch enz. Dit document bevat aantekeningen over de herziening van een distributieplan voor vis tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Er worden verschillende voorstellen besproken om de schaarste aan vis te managen:

  1. Beperking van 'kleintjes': Er wordt gesproken over het halveren of zelfs geheel uitschakelen van kleine porties of toewijzingen aan kleine afnemers (voorstel Böhne).
  2. Vervanging van 'fijne visch': Vanwege de schaarste of hoge kosten wordt voorgesteld om dure 'fijne visch' (zoals tong of tarbot) te vervangen door 'grove visch' (zoals kabeljauw of haring). Lammers stelt voor om de fijne vis aan te vullen met grove vis om het "kostenvraagstuk te dekken".
  3. Economische positie van winkeliers: Rienstra en De Haas maken zich zorgen over de marge voor de reguliere vishandel. Zij stellen dat een winkelier met een vaste zaak (en dus hoge vaste lasten) minstens evenveel moet kunnen verdienen als een straathandelaar.
  4. Experiment: De schrijver van de nota stelt voor om zijn eigen plan gedurende twee maanden op proef uit te voeren. Het document dateert uit november 1942, een periode waarin de voedselvoorziening in Nederland onder zware druk stond. De visserij op de Noordzee was door de Duitse bezetter grotendeels stilgelegd vanwege oorlogsgevaar en het risico op vluchtpogingen naar Engeland. De vis die nog wel werd aangevoerd, was onderworpen aan strikte distributieregels van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd.

Termen als 'sliph' (verwijzend naar slip- of slibtong, kleine tongetjes) en 'tongerij' duiden op de specifieke aard van de vangst waarover gedebatteerd werd. De discussie weerspiegelt de constante spanning tussen de noodzaak van eerlijke voedselverdeling en het overeind houden van de legale economische structuur (de winkeliers) in een tijd van zwarte handel en extreme schaarste. Rijksbureau

Samenvatting

Dit document bevat aantekeningen over de herziening van een distributieplan voor vis tijdens de Duitse bezetting van Nederland. Er worden verschillende voorstellen besproken om de schaarste aan vis te managen:

  1. Beperking van 'kleintjes': Er wordt gesproken over het halveren of zelfs geheel uitschakelen van kleine porties of toewijzingen aan kleine afnemers (voorstel Böhne).
  2. Vervanging van 'fijne visch': Vanwege de schaarste of hoge kosten wordt voorgesteld om dure 'fijne visch' (zoals tong of tarbot) te vervangen door 'grove visch' (zoals kabeljauw of haring). Lammers stelt voor om de fijne vis aan te vullen met grove vis om het "kostenvraagstuk te dekken".
  3. Economische positie van winkeliers: Rienstra en De Haas maken zich zorgen over de marge voor de reguliere vishandel. Zij stellen dat een winkelier met een vaste zaak (en dus hoge vaste lasten) minstens evenveel moet kunnen verdienen als een straathandelaar.
  4. Experiment: De schrijver van de nota stelt voor om zijn eigen plan gedurende twee maanden op proef uit te voeren.

Historische Context

Het document dateert uit november 1942, een periode waarin de voedselvoorziening in Nederland onder zware druk stond. De visserij op de Noordzee was door de Duitse bezetter grotendeels stilgelegd vanwege oorlogsgevaar en het risico op vluchtpogingen naar Engeland. De vis die nog wel werd aangevoerd, was onderworpen aan strikte distributieregels van het Rijksbureau voor de Voedselvoorziening in Oorlogstijd.

Termen als 'sliph' (verwijzend naar slip- of slibtong, kleine tongetjes) en 'tongerij' duiden op de specifieke aard van de vangst waarover gedebatteerd werd. De discussie weerspiegelt de constante spanning tussen de noodzaak van eerlijke voedselverdeling en het overeind houden van de legale economische structuur (de winkeliers) in een tijd van zwarte handel en extreme schaarste.

Producten

A.G.F. (Aardappelen): Aardappel A.G.F. (Aardappelen): Klei A.G.F. (Fruit): Appel A.G.F. (Fruit): Fruit A.G.F. (Groenten): Groente A.G.F. (Groenten): Sla Huishoudelijk: Pan Oorlogssurrogaten: Vervanging Vis & Zee: Aal Vis & Zee: Haring Vis & Zee: Vis Vis & Zee: Visch

Thema's

Jodenster/Maatregelen

Organisaties

Rijksbureau

Kooplieden in dit dossier 80

A. Cuypstraat 117 b. = 11700 p
76 jaar) 110
Dunne spruiten
Gestripte kabeljauw
Gestripte wijting
Groote schelvisch 50 cm en grooter
Groote schol 50 cm en grooter
Groote tong 37 cm en grooter 0,98
M. Sicma 0,98
Haring en tooters
H.L. --- 4
Kabeljauw 72 cm en grooter
M. Sicma 0,43
M. Sicma 0,83
Alle 80 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 2