Concept-besluit / Rapportage
Origineel
Concept-besluit / Rapportage 30 september 1942 (Opmerking: Doorgestreepte tekst is tussen [[ ]] geplaatst, invoegingen tussen < >)
Vischregeling:
verdeling gerookte visch.
2. Verbod verkoop op standplaatsen
Edam, 30/9 1942
W. h. M.
Hiermede hebben wij de eer U te berichten, dat als gevolg van het vaststellen van maximumprijzen of – winstmarges van gerookte visch, sprot, bliek e.d., deze vischsoorten slechts via de Gem. Vischmarkt te Edam mogen worden aangevoerd, alwaar ze onder de daarvoor in aanmerking komende kleinhandelaren moeten worden verdeeld.
In verband hiermede heeft de Verdelingscommissie [[na ampele discussie]] de volgende basis voor de verdeling van deze artikelen vastgesteld.
[[In verband met het feit, dat het aalseizoen vrijwel is geëindigd, zullen]]
Bij de ontworpen regeling wordt van het principe uitgegaan, dat deze vischsoorten worden toegewezen aan de kooplieden, die hiermede ook verleden jaar handel hebben gedreven.
Tenslotte een uitzondering voor die straathandelaren die een standplaatsvergunning hebben, speciaal voor gerookte visch. [[voor deze vischsoorten]]
[[Het oordeel der Commissie hierin deze.]] Verder acht de commissie het gewenscht om aan de rookers van aal (dat zijn kooplieden, die een toewijzing natte aal ontvangen en deze zelf rooken) ... Het document is een ambtelijke tekst die de overgang beschrijft naar een strenger gereguleerde vismarkt. De kern van de tekst is dat door de invoering van maximumprijzen en winstmarges door de overheid (een typische oorlogseconomische maatregel), de vrije handel in gerookte vis (zoals sprot en bliek) aan banden wordt gelegd.
Belangrijke punten in de analyse:
* Centralisatie: Alle vis moet voortaan via de Gemeentelijke Vischmarkt van Edam worden aangevoerd. Dit diende om controle te houden op de prijzen en de zwarte handel tegen te gaan.
* Selectie van handelaren: De Verdelingscommissie bepaalt wie er vis mag ontvangen. De voorkeur gaat uit naar gevestigde handelaren ("die hiermede ook verleden jaar handel hebben gedreven").
* Sociale afweging: Er is een interessante kanttekening in de marge gevoegd over straathandelaren. Men overweegt hen toch toe te laten tot de distributie "daar deze kooplieden met meestal hun brood hiermee verdienen". Dit toont het spanningsveld tussen strikte regulering en de lokale sociale zorg voor de kleine middenstander. In 1942 was de Nederlandse economie volledig ondergeschikt aan de Duitse bezettingsbehoeften en de distributiestelsels. De voedselvoorziening werd centraal geregeld via de Rijksbureaus. Voor vis gold dat de aanvoer vaak schaars was door beperkingen op de visserij (mijnengevaar, vorderingen van schepen).
De vermelding "W. h. M." bovenin staat waarschijnlijk voor "Wethouder van Marktwezen". Edam, als havenstad aan het IJsselmeer, had een cruciaal belang bij de vismarkt. Maximumprijzen werden door de bezetter en de Nederlandse crisisorganen ingesteld om inflatie te beheersen, maar dit leidde vaak tot het verdwijnen van goederen naar de zwarte markt. Deze regeling in Edam is een lokale poging om de distributie van schaarse gerookte visproducten eerlijk en controleerbaar te laten verlopen binnen de vigerende wetgeving van de bezettingsjaren.