Brief (doorslag/archiefkopie van een officiële kennisgeving).
Origineel
Brief (doorslag/archiefkopie van een officiële kennisgeving). 15 november 1939. De Directeur (vermoedelijk van de Marktdienst van de gemeente Amsterdam). Den Heer L. Groenteman, Jodenbreestraat 67 II, Amsterdam-Centrum (Wijk 2). [Rechtsboven, handgeschreven:]
Zie Mr. de Boer
[Linksboven, getypt:]
vP/HG.
25/206/2 M.
[Handgeschreven over de datum en het adres:]
Verzonden 16/11-39
[Getypt:]
15 November 1939.
den Heer L. Groenteman,
Jodenbreestraat 67 II,
Amsterdam-Centrum.
Wijk 2.
Naar aanleiding van Uw brief d.d. 29 October jl. bericht ik U, dat dezerzijds geen bezwaar bestaat U voor ten hoogste drie maanden na dato dezes toestemming te verleenen Uw plaats op de markt Albert Cuypstraat niet te bezetten. Vrijstelling van betaling van marktgeld kan echter alleen worden verleend, gedurende den tijd, dat ziekenhuisverple-ging plaats vindt. U is derhalve sedert 12 October jl. markt-geld schuldig en U is verplicht, om ook in de toekomst, het tijdens Uw afwezigheid verschuldigde marktgeld regelmatig te betalen. Indien U een en ander niet voldoet zal de U ver-leende plaats moeten worden ingetrokken, op grond van de des-betreffende bepalingen van het Reglement op de Markten.
De Directeur, Deze brief is een zakelijke en strikte reactie van een gemeentelijke instantie op een verzoek van een marktkoopman, de heer L. Groenteman. Hij heeft verzocht zijn standplaats op de Albert Cuypmarkt tijdelijk niet te hoeven bezetten, waarschijnlijk vanwege medische redenen.
De directeur gaat akkoord met een afwezigheid van maximaal drie maanden, maar stelt een harde voorwaarde wat betreft de financiën. Vrijstelling van marktgeld wordt enkel verleend voor de specifieke periode waarin de betrokkene in het ziekenhuis ligt. Voor de overige tijd van afwezigheid blijft het marktgeld verschuldigd. De brief eindigt met een waarschuwing: als er niet regelmatig wordt betaald, wordt de vergunning voor de standplaats ingetrokken op basis van het marktreglement. Het document dateert van november 1939, de periode van de mobilisatie in Nederland, vlak voor het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog in Nederland. De ontvanger, L. Groenteman, woonde in de Jodenbreestraat, destijds het hart van de Amsterdamse Jodenbuurt. De achternaam en de locatie suggereren dat de geadresseerde deel uitmaakte van de Joodse gemeenschap in Amsterdam.
Dit type correspondentie is typerend voor de bureaucratische omgang met marktkooplieden in die tijd. De strikte handhaving van het marktreglement, zelfs bij ziekte, illustreert de precaire positie van kleine zelfstandigen. Gezien de datum en de achtergrond van de ontvanger, krijgt deze brief extra gewicht in het licht van de latere vervolgingen en de impact daarvan op de Joodse marktkooplieden op markten zoals de Albert Cuyp. L. Groenteman Gemeente Amsterdam