Officiële kennisgeving / brief.
Origineel
Officiële kennisgeving / brief. 24 september 1942. De Directeur (waarschijnlijk van de Centrale Markt Amsterdam). Den Heer C. Smit, Van Hogendorpstraat 24, Amsterdam-West. Extra [handgeschreven in paarse inkt]
HB.
den Heer C. Smit,
Van Hogendorpstraat 24,
Amsterdam-West.
Wijk 19 A.
77/78/3 M.
24 September 1942,
Mij is gerapporteerd, dat U zich heeft schuldig gemaakt aan heling van een mud aardappelen van C.Morees, wonende Texelplein 6, alhier, en aan overschrijding der maximumprijzen.
In verband met dit feit, heb ik U, zulks ingevolge het bepaalde in artikel 35 lid 1 van het Reglement op de Centrale Markt, gestraft met ontneming van het recht van toegang tot die markt voor den tijd van veertien dagen, namelijk van Vrijdag 25 September tot en met Donderdag 8 October a.s., terwijl aan den Burgemeester van Amsterdam de vraag ter beoordeling zal worden voorgelegd of U voor langeren tijd behoort te worden uitgesloten.
De Directeur, Deze brief is een formele mededeling van een strafmaatregel opgelegd aan een handelaar of bezoeker van de Centrale Markt in Amsterdam. De toon is strikt bureaucratisch en zakelijk.
De overtreding is tweeledig:
1. Heling: De aankoop of handel in een 'mud' (ongeveer 70-100 liter/70 kg) aardappelen die vermoedelijk van diefstal afkomstig waren.
2. Overschrijding van maximumprijzen: Het negeren van de door de overheid vastgestelde prijsplafonds.
De straf is een onmiddellijke ontzegging van de toegang tot de markt voor twee weken. De afsluitende zin suggereert een escalatie naar de burgemeester, wat wijst op de ernst waarmee dergelijke economische vergrijpen in die tijd werden behandeld. Het handgeschreven woord "Extra" bovenaan duidt mogelijk op een speciale behandeling of categorisering van het dossier. Het document dateert uit september 1942, tijdens de Duitse bezetting van Nederland in de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van toenemende schaarste en een streng distributiesysteem. Om zwarte handel en inflatie tegen te gaan, stelde de bezetter (en de Nederlandse overheidsapparaten die onder hun toezicht stonden) strikte maximumprijzen vast voor levensmiddelen zoals aardappelen.
De "Centrale Markt" (gelegen aan de Jan van Galenstraat in Amsterdam) was de spil van de voedselvoorziening in de stad. Controle op naleving van de regels was essentieel om de officiële distributie in stand te houden. Handel buiten de officiële kanalen om ("zwarte handel") werd zwaar bestraft. Dat de burgemeester (destijds de pro-Duitse Edward Voûte) zich mogelijk over een langdurige uitsluiting moest buigen, onderstreept het politieke en economische belang van marktregulering tijdens de oorlogsjaren.