Getypte ambtelijke brief/memo.
Origineel
Getypte ambtelijke brief/memo. 12 februari 1942. De Directeur (waarschijnlijk van een gemeentelijke dienst). [Rechtsboven, getypt:] VD/HG.
[Rechtsboven, handgeschreven:] L. Müller [?]
[Adresblok:]
den Heer Wethouder
voor de Levensmiddelen,
A l h i e r .
[Referentie en datum:]
85/G/1 M. 19 12 Februari 1942.
[Onderwerp:]
Intrekking vergunning plaatsen
kramen buiten de markturen.
[Inhoud:]
In bijlage dezes heb ik de eer U een opgave te doen toe-
komen van een aantal personen, aan wie in het jaar 1938 (onder No.
811 L.M.1938) door Burgemeester en Wethouders vergunning is verleend
tot het plaatsen van kramen c.a. op de markten voor markttijd. Deze
vergunninghouders hebben sedert maanden geen gebruik van hun vergun-
ning gemaakt, reden waarom ik U voorstel genoemde vergunningen door
den Burgemeester te doen intrekken. De met x gemerkte personen heb-
ben mij medegedeeld, dat zij op het behoud der onderhavige vergun-
ning niet langer prijs stellen. De overige 2 vergunninghouders zijn
dezerzijds twee maal opgeroepen om te mijnen kantore te komen, aan
welke oproepingen zij geen gevolg hebben gegeven. Ik neem aan, dat
deze verhuurders ook niet langer prijs stellen op handhaving hunner
vergunning.
Intrekking der onderhavige vergunningen heeft administra-
tieve besparing tengevolge.
[Ondertekening:]
De Directeur, * Doel: Het document is een formeel voorstel van een directeur aan de wethouder om ongebruikte marktvergunningen in te trekken.
* Argumentatie: De directeur voert aan dat de vergunningen al maanden niet worden gebruikt. Sommige houders hebben dit zelf aangegeven, anderen reageren niet op oproepen.
* Rechtvaardiging: De intrekking wordt gemotiveerd vanuit een oogpunt van administratieve efficiëntie ("administratieve besparing").
* Taalgebruik: Het taalgebruik is zeer formeel en typisch voor de ambtelijke correspondentie van die tijd ("heb ik de eer U... te doen toekomen", "dezerzijds", "te mijnen kantore"). * Historische periode: De brief is gedateerd op 12 februari 1942, midden in de Tweede Wereldoorlog tijdens de Duitse bezetting van Nederland.
* Bestuur: De "Wethouder voor de Levensmiddelen" was in die tijd een cruciale post vanwege de schaarste en de distributie van voedsel. Het reguleren van marktkramen viel onder dit beheer.
* Maatschappelijke relevantie: Het document laat zien dat het dagelijks gemeentebestuur en de bureaucratie doorgingen tijdens de bezetting. Dat mensen hun marktvergunning niet meer gebruikten, kan een gevolg zijn van de oorlogsomstandigheden, zoals gebrek aan handelswaar of strengere regelgeving. De nadruk op "administratieve besparing" past in een klimaat waarin middelen en mankracht schaars waren.