Dienstverslag / Rapportage van een personeelscontrole.
Origineel
Dienstverslag / Rapportage van een personeelscontrole. No. 37/3/10 M. 1943 15/2 [stempel/handgeschreven]
Adam, 13 Februari ’43
Heden te tien minuten over drie heb ik een personeelscontrole gehouden. Controleur Smit deed dienst als portier. Bij de portiersloge trof ik den hondenwacht Theunissen aan.
Achter de Cantine ~~vond~~ ontmoette ik de Controleurs Marinus en Schiermeier.
Om zeven minuten voor half vier was de honden-wacht Vinke in het wachthuisje. Deze was om elf uur opgekomen.
Te tien minuten over vijf had ik mij verdekt opgesteld in de hal. Wacht Vinke maakte zijn ronde en passeerde mij. Hij, noch zijn hond hadden erg in mij. Toen hij zijn halronde had gemaakt kwam hij op hetzelfde punt langs mij, zijn hond bleef staan en rook mijn richting uit, waarna ik te voorschijn kwam.
Te half zes deden de controleurs Schiermeier en Smit een ronde door de hal.
Verder geen bijzonderheden.
[Handtekening, mogelijk J. L….]
Den Heer
Bedrijfschef
@.m [gevolgd door een paraaf/stempel] Het document is een zakelijk verslag van een inspectieronde tijdens de nachtploeg in een niet nader genoemd bedrijf of complex in Amsterdam. De inspecteur controleert of de bewakers op hun post zijn en hoe alert zij reageren.
Opvallend is de gedetailleerde beschrijving van de "test" bij hondenwacht Vinke om 05:10 uur. De inspecteur stelt zich verdekt op (verstopt zich) om de waakzaamheid van de wachter en de hond te testen. In eerste instantie merken zij de inspecteur niet op; pas bij de tweede passage ruikt de hond de aanwezigheid van de inspecteur. Dit duidt op een streng regime van interne controle op de beveiliging.
De schrijfstijl is ambtelijk en feitelijk, typerend voor beveiligingsrapportages uit die periode. De correctie in de tekst ("vond" is doorgestreept en vervangen door "ontmoette") suggereert dat de schrijver nauwkeurig wilde zijn in de omschrijving van het contact. Dit verslag dateert van februari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was de beveiliging van vitale bedrijven, distributiecentra of fabrieken in Amsterdam uiterst streng, zowel ter voorkoming van diefstal (gezien de schaarste) als ter preventie van sabotage of verzetsactiviteiten.
Het gebruik van "hondenwachten" wijst op een aanzienlijk beveiligingsniveau. Bedrijven stonden in deze periode vaak onder toezicht van de bezetter of moesten voldoen aan strikte richtlijnen met betrekking tot de bewaking van goederen en infrastructuur. Het rapport is gericht aan de "Bedrijfschef", wat aangeeft dat dit een interne procedure was om de discipline en alertheid van het eigen personeel te waarborgen. Marinus (Controleur) Schiermeier (Controleur) Smit (Controleur) Smit deed (Controleur)