Brief / Verzoekschrift
Origineel
Brief / Verzoekschrift 21 januari 1943 Een visverkoper (naam niet vermeld op deze zijde van het document) WelEd. Heer Duinhoven, Centrale Markthallen, Amsterdam W. [Rechtsboven, potlood:] 521
[Rechtsboven:] A'dam, 21-1.’43.
WelEd. Heer Duinhoven
Centrale Markthallen
Amsterdam W.
[Stempel:] No. 466/7/1 M. 1943 23/1
[Handgeschreven annotatie over stempel:] afwijzen 466/7/2
M.!
Hiermede vraag ik beleefd Uw aandacht
voor het volgende:
Sedert 30 jaren – vanaf de schoolbanken –
ben ik onafgebroken in de vishandel werk-
zaam geweest; sedert 12 jaren verkoop ik
in een hal; de laatste 3 jaar is deze
gelegen aan de Lindengracht 287.
Op verzoek van den marktmeester, – ter
vereenvoudiging van zijn controle – ben ik
gaan verkopen in de hallen van D. Fleijsman
en F. Visser; de halvergunning is echter nog in mijn bezit.
In verband met de uitreiking van toewijzing
voor gerookte vis zou ik gaarne in aanmerking
van zulke een toewijzing; het feit dat Visser
en Fleijsman, als halexploitanten zulke een In deze brief verzoekt een ervaren visverkoper om een officiële toewijzing (quotum) voor de verkoop van gerookte vis. De schrijver benadrukt zijn lange staat van dienst (30 jaar in de handel, waarvan 12 jaar in een eigen 'hal' of marktkraam).
De kern van de kwestie is een administratieve wijziging: op verzoek van de marktmeester is de schrijver gaan verkopen in de hallen van anderen (Fleijsman en Visser) om de controle te vergemakkelijken. De schrijver is echter bang dat hij hierdoor zijn recht op een eigen toewijzing voor schaarse goederen (gerookte vis) verliest, ondanks dat hij nog steeds over een eigen vergunning beschikt.
De ambtelijke notitie in rood potlood ("afwijzen") suggereert dat het verzoek niet is gehonoreerd. Het document dateert uit januari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland tijdens de Tweede Wereldoorlog. In deze periode was er sprake van extreme schaarste en een streng distributiesysteem. Handelaren waren volledig afhankelijk van officiële "toewijzingen" van de overheid of marktinstanties om goederen te mogen inkopen en verkopen.
De Centrale Markthallen in Amsterdam-West fungeerden als het logistieke hart van de voedselvoorziening in de stad. De bureaucratie rondom vergunningen was in oorlogstijd zeer streng, mede om de zwarte handel te bestrijden en de controle op de distributie te centraliseren. De Lindengracht, genoemd in de brief, is een bekende marktlocatie in de Amsterdamse Jordaan. D. Fleijsman F. Visser