Archief 745
Inventaris 745-418
Pagina 75
Jaar 1943
Stadsarchief

Officiële circulaire / mededeling.

10 maart 1941.

Origineel

Officiële circulaire / mededeling. 10 maart 1941. Nº 90/4/1 M. 1941 13/3 [stempel/druk]
GEMEENTE AMSTERDAM
[handgeschreven rechtsboven:] 92906 / 96761

QUARTIERAMT,
Museumplein 17,
Telef. 25573 en 25311
[handgeschreven:] 96749

Amsterdam, 10 Maart 1941.

Regeling betreffende de vergoeding wegens gedeeltelijke vordering van objecten en van de uitvoering van leveringen en verrichtingen ten behoeve van de
DUITSCHE WEERMACHT
(Circulaire Nr. 5-1941) [handgeschreven '1' over getypte '0']
[handgeschreven paraaf:] m. Dir. H. Müller

In verband met dezerzijds van het Departement van Binnenlandsche Zaken ontvangen nieuwe aanwijzingen betreffende de vergoeding, hetzij wegens gedeeltelijke vordering van objecten door en ten behoeve van onderdeelen der Duitsche Wehrmacht, hetzij wegens de uitvoering van leveringen en verrichtingen, op welke de bepalingen van Verordening Nr. 49/1940 van den Rijkscommissaris voor het bezette Nederlandsche gebied toepasselijk waren, wordt thans het volgende bepaald:

Met ingang van 1 Maart 1941 kunnen de rekeningen niet meer ten Stadhuize, kamer 266 worden ingediend, doch moet men zich wenden tot het betrokken onderdeel der Duitsche Wehrmacht, ten einde betaling te verkrijgen.

Wanneer ten gevolge van tusschentijdsch vertrek van het betreffende onderdeel, de betaling niet meer kan worden verkregen, wende men zich terstond tot het Stadhuis, kamer 266, telef. 43321.

Mocht het betreffende onderdeel de betaling weigeren, of mochten zich moeilijkheden van anderen aard voordoen, dan kan men den Commandant wijzen op den inhoud van "Tagesbefehl Nr. 26", van 1 November 1940, van den Wehrmachtsbevelhebber in Nederland en zich bovendien richten tot het Quartieramt, afdeeling Registratie, tel. 96749.

EL
De Chef van het Quartieramt,

[handgeschreven rechtsonder:] 98 Dit document markeert een administratieve verschuiving in de manier waarop de Duitse bezettingsmacht haar vorderingen in Amsterdam afhandelde. Tot maart 1941 konden burgers en bedrijven hun declaraties voor gevorderde goederen of diensten (zoals inkwartiering of leveringen) indienen bij het gemeentelijke Stadhuis. Met deze circulaire wordt die verantwoordelijkheid direct bij de individuele eenheden van de Wehrmacht gelegd.

De tekst is opvallend omdat hij burgers een instrument geeft om zich te verweren tegen onwillige Duitse commandanten door te verwijzen naar een "Tagesbefehl" (dagorder) van de hoogste Wehrmachtsbevelhebber in Nederland. Dit duidt erop dat de centrale Duitse legerleiding een zekere mate van orde en (schijnbare) legaliteit wilde handhaven om onrust onder de bevolking te voorkomen, terwijl lokale eenheden in de praktijk mogelijk probeerden onder betalingen uit te komen. Het Quartieramt (Kwartierambt) was een cruciale gemeentelijke instantie tijdens de bezetting. Het was verantwoordelijk voor de huisvesting, inkwartiering en bevoorrading van de Duitse troepen in de stad. Hoewel het een Nederlands gemeentelijk orgaan was, werkte het direct in opdracht van de bezetter.

De genoemde Verordening Nr. 49/1940 was de wettelijke basis die door Rijkscommissaris Seyss-Inquart was gelegd voor vorderingen. In de beginjaren van de bezetting (1940-1941) probeerden de Duitsers de indruk te wekken dat alles volgens strikte regels en tegen vergoeding verliep. De kosten voor deze vergoedingen werden echter uiteindelijk verhaald op de Nederlandse schatkist (de zogenaamde bezettingskosten), waardoor de Nederlandse bevolking feitelijk haar eigen onderdrukking financierde.

Het adres Museumplein 17 was een strategische locatie; rondom het Museumplein waren vele Duitse instanties gevestigd, waaronder de Ordnungspolizei en de SD in de nabijgelegen Euterpestraat (nu Gerrit van der Veenstraat).

Samenvatting

Dit document markeert een administratieve verschuiving in de manier waarop de Duitse bezettingsmacht haar vorderingen in Amsterdam afhandelde. Tot maart 1941 konden burgers en bedrijven hun declaraties voor gevorderde goederen of diensten (zoals inkwartiering of leveringen) indienen bij het gemeentelijke Stadhuis. Met deze circulaire wordt die verantwoordelijkheid direct bij de individuele eenheden van de Wehrmacht gelegd.

De tekst is opvallend omdat hij burgers een instrument geeft om zich te verweren tegen onwillige Duitse commandanten door te verwijzen naar een "Tagesbefehl" (dagorder) van de hoogste Wehrmachtsbevelhebber in Nederland. Dit duidt erop dat de centrale Duitse legerleiding een zekere mate van orde en (schijnbare) legaliteit wilde handhaven om onrust onder de bevolking te voorkomen, terwijl lokale eenheden in de praktijk mogelijk probeerden onder betalingen uit te komen.

Historische Context

Het Quartieramt (Kwartierambt) was een cruciale gemeentelijke instantie tijdens de bezetting. Het was verantwoordelijk voor de huisvesting, inkwartiering en bevoorrading van de Duitse troepen in de stad. Hoewel het een Nederlands gemeentelijk orgaan was, werkte het direct in opdracht van de bezetter.

De genoemde Verordening Nr. 49/1940 was de wettelijke basis die door Rijkscommissaris Seyss-Inquart was gelegd voor vorderingen. In de beginjaren van de bezetting (1940-1941) probeerden de Duitsers de indruk te wekken dat alles volgens strikte regels en tegen vergoeding verliep. De kosten voor deze vergoedingen werden echter uiteindelijk verhaald op de Nederlandse schatkist (de zogenaamde bezettingskosten), waardoor de Nederlandse bevolking feitelijk haar eigen onderdrukking financierde.

Het adres Museumplein 17 was een strategische locatie; rondom het Museumplein waren vele Duitse instanties gevestigd, waaronder de Ordnungspolizei en de SD in de nabijgelegen Euterpestraat (nu Gerrit van der Veenstraat).

Kooplieden in dit dossier 100

A + B en Veldsla Waterlooplein 40 %
A. Geboorte Waterlooplein 40
A. en B., kropsla en spinazie Waterlooplein 40 %
Allington Pippin Waterlooplein 50
Ananas Reinette Waterlooplein 40
L. Blitz Waterlooplein 25
alias "Joost"). Waterlooplein
Augurken I, II, III, IV, I en II stippel Waterlooplein 50%
Augurken I, II, III, IV, I en II stippel en III en IV stippel Waterlooplein -
Augurken I, II, III & IV, " I, II, III & IV stippel Waterlooplein
I.J. Velleman Waterlooplein " 2.40
R. Bath Waterlooplein 45
Bellefleur Brabantsche Waterlooplein 45
Bellefleur Engelsche (Koningszuur) Waterlooplein 47
Bellefleur Limburgsche Waterlooplein 47
Belle Lucrative (Seigneur d'Esperen) Waterlooplein 40
Beucke's Butterbirne (Beurré Beucke) Waterlooplein 40
Lucas Caransa Waterlooplein 50
Beurré Clairgeau Waterlooplein 45
Beurré d'Amanlis Waterlooplein 47
T. Diels Waterlooplein 47
Beurré Dilly Waterlooplein 43
Beurré Durondeau (Beurré de Tongres) Waterlooplein 45
Beurré Hardy Waterlooplein 45
Beurré Lebrun Waterlooplein 45
Beurré Superfin Waterlooplein 47
B. Blijham Waterlooplein 42
Bezy de Chaumontel Waterlooplein 40
Bezy von Schonauwen (Vijgenpeer) Waterlooplein 40
Bieten (gekookt) Waterlooplein 87. :
Alle 100 kooplieden →

Gerelateerde Documenten 1