Getypte circulaire brief met handgeschreven kanttekeningen en een concept-antwoord.
Origineel
Getypte circulaire brief met handgeschreven kanttekeningen en een concept-antwoord. 6 september 1943 (handgeschreven antwoord gedateerd op 18 september 1943). Ir. E. de Kruijff, Hoofd van het Gemeentelijk Materialenbureau (G.M.B.), Amsterdam. [Getypte tekst]
No. 100/1/S M. 1943 5/9 [handgeschreven toevoeging]
GEMEENTELIJK MATERIALENBUREAU,
Oudezijds Achterburgwal 213.
Amsterdam, 6 September 1943.
No. 20/209 G.M.B.
circ. 118
Aan Heeren Hoofden van Diensten en Bedrijven.
Bij dezen verzoek ik U beleefd mij wel te willen opgeven, op welke van Uw toewijzingen IJzer/Staal 2e kwartaal 1943, de afleveringen nog niet volledig hebben plaats gehad.
Het Hoofd van het
Gemeentelijk Materialenbureau,
Ir. E. de Kruijff.
[Handgeschreven tekst onderaan, links en midden]
100/1/g
Betr: Toew. ijz.-staal 2e kwartaal.
Uw ref. 20/209 GMB circ 118
[Handgeschreven tekst onderaan, rechts]
br. aan Hfd v MB.
Zoals U dezer dagen reeds tel. werd gemeld beschikt mijn dienst slechts over één toewijzing ijzer/staal i.v.m. +/- v. 1000 kg. voor vervanging van de peilbuizen v/h koelhuis. Deze voorraden door Werkspoor gereserveerd. Door de overheveling van de werkzaamheden hebben wij dit materiaal nog niet in het werk gebruikt.
18/9/43 Dit document is een administratieve correspondentie uit de bezettingstijd (september 1943). Het Gemeentelijk Materialenbureau (GMB) vraagt aan de diverse gemeentelijke diensten om een overzicht van nog niet geleverde toewijzingen van ijzer en staal uit het tweede kwartaal van dat jaar.
Het document bevat tevens een handgeschreven concept-antwoord op de brief zelf. Hieruit blijkt dat de betreffende dienst slechts over één toewijzing beschikt van ongeveer 1000 kg voor de vervanging van peilbuizen in een koelhuis. Deze voorraad is reeds gereserveerd bij de bekende machinefabriek Werkspoor, maar is nog niet gebruikt vanwege een verschuiving ("overheveling") in de werkzaamheden. Tijdens de Tweede Wereldoorlog was er in het bezette Nederland een nijpend tekort aan grondstoffen en metalen. De distributie van materialen zoals ijzer en staal werd streng gereguleerd door middel van een toewijzingssysteem. Gemeentelijke instanties moesten nauwkeurig verantwoording afleggen over hun verbruik en voorraden.
Het Gemeentelijk Materialenbureau speelde hierin een centrale rol voor de stad Amsterdam. De genoemde firma Werkspoor was een grote Nederlandse fabrikant van rollend materieel en machines, die tijdens de oorlog onder toezicht van de bezetter stond en cruciaal was voor de infrastructuur en industrie. De brief illustreert de bureaucratische processen die nodig waren om zelfs kleine hoeveelheden materiaal (1000 kg was relatief weinig in een industriële context) te beheren in een tijd van schaarste. E. de Kruijff
Samenvatting
Dit document is een administratieve correspondentie uit de bezettingstijd (september 1943). Het Gemeentelijk Materialenbureau (GMB) vraagt aan de diverse gemeentelijke diensten om een overzicht van nog niet geleverde toewijzingen van ijzer en staal uit het tweede kwartaal van dat jaar.
Het document bevat tevens een handgeschreven concept-antwoord op de brief zelf. Hieruit blijkt dat de betreffende dienst slechts over één toewijzing beschikt van ongeveer 1000 kg voor de vervanging van peilbuizen in een koelhuis. Deze voorraad is reeds gereserveerd bij de bekende machinefabriek Werkspoor, maar is nog niet gebruikt vanwege een verschuiving ("overheveling") in de werkzaamheden.
Historische Context
Tijdens de Tweede Wereldoorlog was er in het bezette Nederland een nijpend tekort aan grondstoffen en metalen. De distributie van materialen zoals ijzer en staal werd streng gereguleerd door middel van een toewijzingssysteem. Gemeentelijke instanties moesten nauwkeurig verantwoording afleggen over hun verbruik en voorraden.
Het Gemeentelijk Materialenbureau speelde hierin een centrale rol voor de stad Amsterdam. De genoemde firma Werkspoor was een grote Nederlandse fabrikant van rollend materieel en machines, die tijdens de oorlog onder toezicht van de bezetter stond en cruciaal was voor de infrastructuur en industrie. De brief illustreert de bureaucratische processen die nodig waren om zelfs kleine hoeveelheden materiaal (1000 kg was relatief weinig in een industriële context) te beheren in een tijd van schaarste.