Getypte ambtelijke brief/memo.
Origineel
Getypte ambtelijke brief/memo. 18 februari 1943. De Directeur (vermoedelijk van de Dienst der Publieke Werken of de Gemeentelijke Marktendienst). De afdeeling Assurantiezaken, Raadhuis, Alhier (Amsterdam). extra
De afdeeling
Assurantiezaken,
Raadhuis,
A l h i e r .
103/7/2 M.
18 Februari 1943.
Voor de goede orde heb ik de eer U te berichten, dat het ingangshek van de voormalige speeltuin aan de Gaaspstraat, waar thans een dagmarkt is gevestigd, vermoedelijk door aan-rijding is beschadigd. De dader is evenwel onbekend.
Opdracht tot herstel der schade is inmiddels gegeven aan de Gemeente-Werkplaatsen.
De Directeur, Het document is een formele kennisgeving van schade aan gemeente-eigendom, gericht aan de verzekeringsafdeling van de stad (Amsterdam, af te leiden uit de straatnaam). De toon is strikt zakelijk en ambtelijk ("heb ik de eer U te berichten").
De kern van de melding is een beschadigd toegangshek aan de Gaaspstraat. De oorzaak wordt vermoed als een aanrijding, maar omdat de dader onbekend is, moet de gemeente de kosten waarschijnlijk zelf dragen of verhalen via de eigen verzekering. De directeur meldt tevens dat er direct actie is ondernomen door de Gemeente-Werkplaatsen opdracht te geven voor herstel. Hoewel het document op het eerste gezicht een triviale administratieve kwestie lijkt, is de historische context zeer beladen.
- Locatie en Datum: De brief is gedateerd op 18 februari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Gaaspstraat ligt in de Amsterdamse Rivierenbuurt.
- De "Dagmarkt": De vermelding van een "voormalige speeltuin aan de Gaaspstraat, waar thans een dagmarkt is gevestigd" is cruciaal. In november 1941 stelden de Duitse bezetters specifieke "Joodse markten" in om de Joodse bevolking verder te isoleren en te controleren. De speeltuin aan de Gaaspstraat werd ontruimd en ingericht als een van deze drie markten in Amsterdam waar Joden verplicht hun inkopen moesten doen en waar alleen Joodse handelaren mochten staan.
- Betekenis: Dit document is een voorbeeld van hoe de bureaucratie van een stad tijdens de bezetting simpelweg door bleef draaien. Terwijl de Joodse bevolking vanuit deze buurt werd weggevoerd en de markt een symbool was van uitsluiting en segregatie, hielden ambtenaren zich bezig met de administratieve afwikkeling van een kapot hek door een vermoedelijke aanrijding. Het document illustreert de "banaliteit" van de administratie tijdens de Holocaust. Publieke Werken
Samenvatting
Het document is een formele kennisgeving van schade aan gemeente-eigendom, gericht aan de verzekeringsafdeling van de stad (Amsterdam, af te leiden uit de straatnaam). De toon is strikt zakelijk en ambtelijk ("heb ik de eer U te berichten").
De kern van de melding is een beschadigd toegangshek aan de Gaaspstraat. De oorzaak wordt vermoed als een aanrijding, maar omdat de dader onbekend is, moet de gemeente de kosten waarschijnlijk zelf dragen of verhalen via de eigen verzekering. De directeur meldt tevens dat er direct actie is ondernomen door de Gemeente-Werkplaatsen opdracht te geven voor herstel.
Historische Context
Hoewel het document op het eerste gezicht een triviale administratieve kwestie lijkt, is de historische context zeer beladen.
- Locatie en Datum: De brief is gedateerd op 18 februari 1943, midden in de Duitse bezetting van Nederland. De Gaaspstraat ligt in de Amsterdamse Rivierenbuurt.
- De "Dagmarkt": De vermelding van een "voormalige speeltuin aan de Gaaspstraat, waar thans een dagmarkt is gevestigd" is cruciaal. In november 1941 stelden de Duitse bezetters specifieke "Joodse markten" in om de Joodse bevolking verder te isoleren en te controleren. De speeltuin aan de Gaaspstraat werd ontruimd en ingericht als een van deze drie markten in Amsterdam waar Joden verplicht hun inkopen moesten doen en waar alleen Joodse handelaren mochten staan.
- Betekenis: Dit document is een voorbeeld van hoe de bureaucratie van een stad tijdens de bezetting simpelweg door bleef draaien. Terwijl de Joodse bevolking vanuit deze buurt werd weggevoerd en de markt een symbool was van uitsluiting en segregatie, hielden ambtenaren zich bezig met de administratieve afwikkeling van een kapot hek door een vermoedelijke aanrijding. Het document illustreert de "banaliteit" van de administratie tijdens de Holocaust.